Monday, December 17, 2007

Kool Nieuws van de Károli -- 5

Budapest, 17 december 2007.


Aan de Herv. Gemeenten te
Houten en te Oud-Alblas
Beste vrienden en familie!

Van gasten kun je veel leren! Gasten helpen je je situatie met nieuwe ogen te zien. Regelmatig heb ik mensen te gast, vooral ook uit Nederland. In dit Kool Nieuws heb ik enkele van hen gevraagd hun impressies weer te geven.

Impressies uit Budapest (1)
“Kool Nieuws (en de eerdere Levenstekens uit Hongarije) is sinds jaren voor velen een bron van informatie over de ontwikkelingen in Midden en Oost Europa en het werk in zending en evangelisatie in deze regio. De inhoud van de nieuwsberichten maakt ook zichtbaar welke bijzondere bijdrage Anne-Marie Kool hieraan levert. Ik kan dat rustig hier opschrijven. Ze heeft mij gevraagd om wat impressies te geven voor haar nieuwsbrief en ik doe dat dan ook op mijn manier. Sinds twee jaar ben ik als vrijwilliger bij het werk van Anne-Marie betrokken, heb haar en haar werk leren kennen. De regio is mij sinds het begin van de 90-er jaren meer en meer vertrouwd geworden door diverse actitiviteiten vooral op het terrein van de zorg voor mensen met een beperking.
Hoogleraar missiologie in een post communistische regio met alles wat je maar bedenken kunt: weinig geloof in niets en niemand dat kreeg je in een communistische opvoeding mee. Doen wat je belooft en zeggen wat je denkt: nou nee , je weet maar nooit. En toch... er zijn mensen die de uitdaging aannemen. Die geloven in mogelijkheden, omdat zij erop vertrouwen dat God hen helpt ondanks alle mistroostigheid. Mistroostig zo zag het hier de afgelopen week uit: grijs en grauw.
En vanmorgen scheen op eens de zon, een blauwe lucht en een frisse wind. Als een symbool van al die kleine en grote vonkjes die je kunt zien. In de ogen van de studenten met wie Anne-Marie bezig is en die leren de opdracht van de Bijbelse boodschap in de huidge samenleving te verstaan. Bij sommige kollega’s, die tijdens een korte ontmoeting snel even iets vertellen van hun werk. En op zondag in de kerk: voorstellen van nieuwe gemeenteleden uit de afgelopen periode. Een indrukwekkend moment, een adventszondag en dan ruim 25 mensen die voor het eerst actief betrokken willen zijn bij de gemeente. En niet te vergeten de kinderen die dit jaar geboren zijn nog een keer allemaal er bij. Groei van een gemeente dankzij een niet aflatende inzet van de predikanten en de vele actieve vrijwilligers. En dan in zo’n wijk met heel veel hoogbouw. Meer dan 30.000 bewoners en een gemeente met een geweldige uitstraling. Veel om te leren.
Leren, dat doe je als je met Anne-Marie mag werken. Docent in hart en nieren, er is zo veel te leren zo lijkt ze voortdurend uit te stralen. Niet als doel op zich, maar om je in te zetten voor de Goede Zaak. Inspiratie dat krijg je er van, dat zie ik bij de studenten en bij een aantal kollega’s. Mistroostig, soms ook, maar zoek dan de troost maar daar waar je het beste vinden kunt in: in de Bijbel.
In het Hongaars, Engels, Duits, Frans en Nederlands kom je ze tegen. Op kantoor, thuis: de Bijbel als onuitputtelijke bron van inspiratie.
Budapest is een Westerse stad geworden. Alles is te koop, er zijn meer grote supermarkten in en rond de stad dan in Nederland. Er wordt op allerlei manieren reklame gemaakt voor alle producten van deze wereld. En ergens in een gebouw op het Calvijnplein wordt stap voor stap gewerkt aan een heel andere dimensies van het mens zijn.”
(Mineke Hardeman, Budapest 13 december 2007)

(Oud-)studenten vertellen...
Regelmatig loop ik oud-studenten tegen het lijf. Afgelopen week ontmoette ik Angelika. In 1995 en de jaren daarna volgde ze colleges missiologie. Samen met haar man heeft ze enkele jaren zendingswerk in India gedaan. Nu coördineren ze het werk van een international zendingsorganisatie in Hongarije. Ook Janet was er, die vorig jaar haar postdoctorale opleiding afsloot. Via een stage in het kader van haar studie was ze in contact gekomen met enkele meisjes uit Mongolië die in Hongarije wonen. Ondertussen is er een Mongoolse gemeente ontstaan en is er een verlangen gegroeid bij enkele jongeren om zelf als zendingswerker uitgezonden te worden (zie verslag van Henk Massink). Het is geweldig te zien hoe Janet hen als een mentor helpt. Er is een enorme behoefte aan toerusting en training. Ook is Janet betrokken bij het college communicatie in andere culturen aan de Károli. Emőke kwam ik in Princeton tegen. Afkomstig uit Servië, studeerde ze in Pápa en liep stage o.a. in Rotterdam. Daar werd ze uitgedaagd uit haar “Hongaarse” wereld te stappen, en realiseerde ze wat een verrijking dat is. Nu is ze in Princeton betrokken bij het bureau internationale zaken van het Seminarie, verantwoordelijk voor het versterken van de contacten met Amerikaanse en buitenlandse studenten. Een andere student uit Pápa, Krisztián, komt iedere week een dag vrijwilligerswerk doen in het zendingsinstituut. Nóra, ook uit Papa, is aktief betrokken bij een netwerk voor predikanten aktief in stadszending. Gábor was op uitnodiging van László betrokken bij een vakantiebijbelclub in zijn gemeente, met kinderen uit een achterstandswijk. Beiden sloten in juni hun postdoctorale programma af. Met kerst is er een vervolg. In september was ik op bezoek in de gemeente van Szerena, die deelneemt aan het PhD programma, bij het in gebruik nemen van de opgeknapte pastorie. Drie weken lang had iedereen de handen uit de mouwen gestoken, en waren kosten nog moeiten gespaard. “Ze waardeert wat we doen, daarom werken we zo graag mee”. De gemeente is de afgelopen jaren heel sterk gegroeid. “Er is grote verbazing in het dorp dat er zoveel verschillende mensen bij de gemeente horen.” 1 Kor. 12 in praktijk!

Van zaterdagmorgen 1 december tot dinsdagmorgen 4 december was een ouderling uit de Sion gemeente in Houten te gast in Boedapest. Ook hij komt al sinds het begin van de 90-er jaren in Hongarije.

Impressies uit Budapest (2)
„Het was goed om op deze manier de banden weer eens aan te halen. Miklos en Toncy Nagy boden mij in hun flat in de wijk Gazdagrét een gastvrij onthaal. Zij zijn ook in onze gemeente op bezoek geweest in 2005. Hun woning bevindt zich op ongeveer 200 meter van de Gazdagrét-kerk. Met hen had ik opnieuw gesprekken tot diep in de nacht over de Hongaarse maatschappelijke en politieke situatie. Het werd me weer eens duidelijk hoe sterk de communistische naweeën nog zijn en hoe kwalijk die invloeden zijn voor een samenleving. De socialistische regering (onder leiding van een oud-communist) doodt iedere vorm van maatschappelijke creativiteit en verantwoordelijkheid.

Gazdagrét gemeente
Zondagmorgen vulde de kerk van de Gazdagrét-gemeente zich spoedig geheel. Het is opvallend hoe grote groepen mensen uit de omgeving zich via de Alpha-cursus bij de gemeente voegen. Het zal er mee te maken hebben dat de gemeenteleden zich zeer gastvrij opstellen voor de mensen uit de buurt. Andras Lovas, de predikant, zocht in zijn preek ook nadrukkelijk aansluiting bij de situatie waarin de mensen zich bevinden: de drukke tijd voor Kerst waarin er van de gemiddelde Hongaar veel verwacht wordt. Dat gebeurde zonder dat aan de tekst tekort werd gedaan. Het was een eerste preek over een aantal Psalmen. Nu stond Psalm 13 centraal. Dit is een klaagpsalm. Ds. Lovas liet zien dat de klacht hoort bij een bijbels geloofsleven. Maar de klacht gaat gaandeweg over in gebed en in geloofsvertrouwen. Aansluitend vierde de gemeente het Heilig Avondmaal.

Mongoolse dienst
Zondagmiddag bezocht ik met Anne- Marie een kleine Mongoolse gemeente. Janet, een van de oud-studenten van Anne-Marie had ons uitgenodigd. Zij is nauw betrokken bij het ontstaan van deze gemeente. Niet in de rijkste buurt van Boedapest. De dienst zou om 17.00 uur beginnen maar tegen die tijd stonden we wel in de kou voor een dichte deur. Dat veranderde echter snel. Even na vijven kwamen er een aantal mensen aanlopen met een onmiskenbaar Aziatisch uiterlijk. Praten ging niet zo goed, maar al snel groeide het gezelschap en kwam er iemand met een sleutel. De ontvangst was allerhartelijkst. Met frisdrank en koek werden we welkom geheten.

Het werd een bijzondere dienst die zo’n tweeënhalf uur zou duren. Wie klaagt er dan nog over een dienst van anderhalf uur? De gemeente nam afscheid van twee in Duitsland wonende koreaanse evangelist-predikanten die de afgelopen tien dagen een evangelisatie aktie hadden geleid. De oudste van hen preekte nu niet, maar zong een lied waarin je de Mongoolse steppewinden kon horen huilen. Daarna nam de andere Koreaanse predikant in het mongools. Sinds de jaren 80 zijn er namelijk nogal wat Mongoolse vrouwen als naaisters in Boedapest aan de slag gegaan [in 1994 had ik kontakt met Munhjin, die in de Pasaret gemeente tot geloof kwam, amk]. Nu waren er uiteindelijk zo’n veertig mensen in de dienst aanwezig, de overgrote meerderheid vrouwen.

Het woord was als een tweesnijdend scherp zwaard. In de preek kwam uitgebreid Openbaring 21 vers 8 aan de orde zeven soorten zonden staan genoemd. Een ieder die één van deze zonden doet, komt ‘in de poel die brandt van vuur en sulfer’. Tijdens deze dienst vroeg de voorganger aan de gemeenteleden – terwijl iedereen zijn ogen dichthield - hun hand op te steken als ze zich schuldig wisten aan één van deze zonden. Het was een ernstig woord waarin het geweten werd geraakt. Daar bleef het niet bij. De predikant prees het bloed van Christus aan als weg tot behoud en overwinning. Daarbij gaf hij voorbeelden van het krachtige werk van Gods Geest in het hart van heidense (Mongoolse) priesters. De gemeente gaf duidelijk uiting aan haar blijdschap over deze grote genade.

Deze dienst leek ook een soort institueringsdienst. Verschillende gemeenteleden kregen een taak toegewezen. Zij kwamen naar voren en kregen een zegen mee. Daarna nam een ieder met een stevige omhelzing afscheid van de twee koreaanse gastvoorgangers en werden wij als bijzondere gasten toegezongen. Het was allemaal bijzonder indrukwekkend en aangrijpend in de goede zin van het Woord.

Missiologisch Instituut en Karoli Universiteit
Tijdens dit bezoek wilde ik me graag ter plekke op de hoogte stellen van de nieuwe situatie waarin Anne Marie werkt. Maandagmiddag ben ik even op het Missiologisch Instituut geweest aan het Calvijnplein. Dit Instituut is dan nu onderdeel van de Karoli Universiteit en valt niet direct meer onder een bestuur dat verantwoording schuldig is aan de synode van de Hongaars-Hervormde Kerk. ’s Middags mocht ik aan die universiteit meemaken hoe Bernard Kaiser, een Duitser die dogmatiek geeft aan de Theologische opleiding van de Hongaars-Gereformeerde Kerk in Komarno (Slowakije) zijn hoogleraarsbevoegdheid aan de universiteit verkreeg. Wij kennen dat niet, maar in Duitsland en ook in Hongarije moet je een ‘Habilitationsschrift’ verdedigen om hoogleraar te kunnen worden.

Dr. Kaiser slaagde met glans. Hij wist zijn boek over de wijze waarop God Zich openbaart (Fundamentaltheologie, Band I) tot tevredenheid van het gezelschap van hoogleraren te verdedigen. Daarna moest hij als proeve van bekwaamheid twee korte lezingen geven. Ook dat kostte hem niet al te veel moeite. Onder het genot van een kopje koffie en een stevig stuk Hongaars gebak heeft Anne Marie hem nog een aantal tips gegeven om te slagen als docent in een Hongaarse omgeving. Al met al was het uiterst boeiend om deze hoffelijke Duitser en zijn vrouw te ontmoeten. Hij wil volgend jaar ook graag eens naar Nederland komen om te kijken hoe hij hier zijn netwerk kan uitbreiden.”

(H.F. Massink)


Tenslotte
Van harte wil ik jullie allen heel hartelijk danken voor het gastvrije onthaal tijdens mijn verloftijd en heel veel zegen voor het nieuwe jaar.


In Christus verbonden,



Anne-Marie Kool

Saturday, November 17, 2007

Kool News of the Károli -- 4

Budapest, 17th November 2007


Dear Friends,

To conclude my final lecture in Princeton, I showed a picture of the painting by Rembrandt of the prodigal son. A Ghanese pastor, Attah, who had attended all the lectures about missions in Central and Eastern Europe, asked a penetrating question: “I have the impression that there are many lost sons and daughters in this area. To what extent are the Churches able to help them find their way back to the Father?” In my reply, I called on the Churches in Africa to take missionary calling to Europe seriously, and to allow Churches in Europe to share in their spiritual vitality. I have often reflected on this penetrating question.

Increased openness (1)
After last week's Sunday Church service, Orsolya and Zoltán came over for Sunday coffee (for Dutch insiders, this is the best coffee of the week because of the related family time). They were surprised about what they had just experienced. “People welcomed us and were interested in us. We have never experienced anything like this. The sermon was about us. What a beautiful songs! We will certainly come again!' They were there for the first time. Orsolya had spent the last years of her secondary education in America and had come to faith in her host family. Through a mutual friend from Grand Rapids, I came into contact with them. They had both grown up in what they called “typical” Hungarian families: there was drinking to excess and divorce. Zoltán had been reading the Bible with great interest for some time.

In September, a “large meal” in the Gazdagrét church for interested people from the community attracted more than eighty-five people. Almost half of them are now attending the Alpha course. In the weeks prior to this, the themes of hospitality and openness were dealt with in the sermon: “We often reject people who are different, but the Lord accepts them. This means that we are called to do the same.” It strikes me that in recent times, openness to the Gospel has increased considerably.

A few weeks ago, I had a very open conversation with a retired Jewish professor, Gyöngyi, who had lived her whole life as an avowed atheist. Through my friends Gabor and Kati, I met her for the first time last Christmas. She had been told that she was very seriously ill and, afraid to die, had asked Kati whether I could visit her. She is really seeking. There was an openness to read Scriptures and to pray together.

Openness at the university (2)
A similar openness can be noticed among students and colleagues at the Károli University. About 25% are more or less active church members. In this sense, the University mirrors the statistics of Church and society in Hungary. Students are admitted to the university through a central national admissions procedure, no additional requirement can be made on their Christian identity or Church background. As the class rooms of the Missions Institute are frequently used by students from other departments, there are many spontaneous meetings and conversations. Recently I met János Wimmer, a history student. “Do you know that you share your name with a pastor who was extremely active in missionary work in the nineteenth century?” He expressed a keen interest in attending a course in the history of missions. Just as in 1987, when I first came to Hungary, I am more and more involved in evangelism among students.

Open doors
In recent months, it has been a real voyage of discovery to find out what the specific possibilities are to give lectures within the various departments. Where do the interests of the students lie? With whom is it possible to cooperate? One thing is clear: there are more open doors than I thought, not only for lecturing at the School of Theology, but also at the School of Humanities, in the departments of Dutch and English, and in the department of Religious Studies.

Meeting place
The library in particular has a great potential not only as a location to find unique resources, but also as an informal meeting place. To this end, we plan to transform the kitchen area into a pleasant coffee corner. Would you be willing to help to realise this through your support of the work of the CIMS?

Vision for the future?!
At the moment, Calvin Square in many respects seems to reflect the Church and political situations. The construction work on the fourth metro line is blocking the smooth flow of traffic through the city centre. There are deep, noisy excavations, which make good communications difficult. It is not easy to find your way. According to reports, it will certainly take another two years to finish the surface work... There is great faith and much vision for the future needed to be able to imagine that in 2011, a fourth metro line really will be running and will solve all the transport problems of our city.
(http://www.metro4.hu/milyenlesz.php).

The lack of vision for the future seems to be crippling the whole of society. There is an atmosphere of apathy, despondency and hopelessness. Prices are going up, inflation is increasing, the level of public health is dropping alarmingly. Sometimes it seems as if the channels of mutual communication have completely silted up through a profound feeling of mutual mistrust. Very recently, we were shocked in the Church by two harrowing incidents of suicide of young pastors. Another young pastor abandoned his wife and four children.

You also hear in increasing measure that the only way for Hungary to get out of this crisis is the strengthening of Hungary's own culture. Last week, a student expressed this as follows:
“From childhood, we learn that we must look down on the surrounding nations, that they are second rate, and that our Hungarian culture is inviolable. Now I am discovering through this course that God loves all peoples, and that it is not right to be so exclusively focussed on our own culture and our own nation. We can and must be open to others as well.”
Last week at a conference for emerging mission movements in Central and Eastern Europe, it was striking that, compared with the surrounding countries, the Hungarian Churches have much less vision for cross cultural missions and are developing far fewer activities. There is a deep resistance, even in the Churches, to be open to the gypsies, the Roma. In our local committee organising the Quadrennial International Conference of the International Association for Mission Studies we realized that there are not too many adequate exposure visit options for Gypsy ministry to take the participants to. (see http://www.missionstudies.org/)

At a recent weekly devotion meeting, the Rector of the University, Dr Ferenc Szűcs, pointed out that the only way out of this chaotic and confusing time, with many problems and conflicts, is: “Don't panic. Jesus is alive!” Pray for him and his staff for wisdom in giving leadership.
It seems that this difficult situation forces people to seriously think about questions of faith. But the question raised by Attah, regarding the extent to which the Church is able to help them find their way back to the Father, often arises in me. More and more it seems that issues with which Hungary is struggling, are also on the table in other countries, especially the question of how you can combine appreciation of and respect for your own culture with an openness and appreciation of other cultures.

(Former) Students recount...
Regularly, I bump into former students. Last week, I met Angelika. In 1995 and the following years, she attended missiology courses. For several years, she and her husband worked as missionaries in India. Now they coordinate the work of an international mission organisation in Hungary. There was also Janet, who completed her Master’s in Missiology training last year. As part of her study assignment, she came into contact with some girls from Mongolia, who are living in Hungary. By now, a Mongolian Church has come into being, and a desire has grown among several young people to be sent out themselves as missionaries. It is wonderful to see how Janet is mentoring them and involving other Hungarians to come along. There is a huge need for training and education. Janet is also involved in co-teaching a course at the Károli in cross-cultural communications. I met Emőke in Princeton. From Serbia, she studied in Pápa and did her field work in downtown Rotterdam. There she was challenged to step out of her 'Hungarian' world, and she realised what enrichment this brings. Now she is involved in the office for international affairs of Princeton Theological Seminary, and is responsible for nurturing the contacts with American and foreign students. Another student from Pápa, Krisztián, comes one day a week to do voluntary work at the missions institute. Nóra, also from Pápa, is actively involved in a network for pastors working in urban mission settings. László invited Gábor to become involved in a Vacation Bible Club in his Church, with children from a deprived area. Both of them completed their postgraduate programmes in June. There will be a follow-up at Christmas. In September, I visited the Church of Szerena, which is taking part in the PhD programme, for the opening of the restored parsonage. For three weeks, everyone rolled up their sleeves, and neither trouble nor expense were spared. “They appreciate what we are doing. This is why we enjoying working with them so much.” Last year, the Church grew considerably. “There is much surprise in the village that so many different people belong to the Church.” 1 Cor. 12 in practice! Another Nóra, who graduated last year with distinction, is recently accepted as a member of Wycliffe Bible Translators preparing to become a missionary. I could go on… SDG!

Laying foundations ...
In recent months, besides conducting and supervising the course, the emphasis of my work has been mainly on providing the proper facilities. After fourteen years of faithful service, the photocopier has given up (5,000 USD is needed for a new one). Besides this, the computer network needs to be updated and expanded, because of more intensive use of the library (3,500 USD). The setting up of the coffee corner also requires investment (total 2,500 USD). This is what is needed this year.

As you know, the contribution of the University to the Institute is limited, and we depend largely on external sources of funding. We are in the process of setting up sustainable programmes, such as the Master of Theology programme in cooperation with the University of South Africa. There are also shorter courses and programmes in the pipeline, directed towards equipping the Churches for missions and training missionary workers. The training of trainers is particularly needed! A fund has been set up, from which students can apply for grants (20,000 USD needed). Also pastors from Central and Eastern Europe (and from the non-western world) who want to come for a study furlough of a few weeks could apply for support from this fund. May we call on your support for this fund?

You will understand that it is not easy to make long-term plans if you do not know how the finances will develop. May we ask you to make a pledge for the amount of support you will give to the Institute in the coming year?

We are thankfully anticipating your Christmas gift.

Plans for the coming months
Besides rounding off courses this semester and preparing for the coming semester, I am actively involved with three PhD students, who will complete their theses in the coming months: László Gonda, Dorottya Nagy and Randy Robertson.

· 23rd-25th November, 2007: Urban missions consultation (60 participants from 9 congregations!)
· 25th-29th November, 2007: Visit of Prof. Dr Klippies Kritzinger (South Africa) to the KRE-CIMS (lectures, negotiations about cooperation in Master of Theology programme). (for picture report see: ….)
· 14th December, 2007 – 4th January, 2008: Home assignment/vacation in the Netherlands.
· 19th – 30th January, 2008: Brief study leave and ExCom Meeting of the International Association for Mission Studies in Los Angeles, USA.
· 9th February, 2008: Training day for twinning link Churches (for info cims@kre.hu)
· 4th March, 2008: Inaugural Lecture at the Károli Reformed University (info: cims@kre.hu)

Thank you for your support and prayerful concern. As we enter the Advent and Christmas season may I wish you moments of quiet reflection and prayer in preparation, and many blessings with your family and friends.

Yours sincerely in Christ,



Anne-Marie Kool


Anne-Marie Kool was seconded by the Reformed Mission League in the Protestant Church in the Netherlands (GZB) in 1993 to the Reformed Church in Hungary, with the assignment to establish the Protestant Institute for Mission Studies (PMTI) in Budapest. On 1 September 2006 she was appointed at the Karoli Gaspar Reformed University as Professor of Missiology and director of the Central and Eastern European Institute for Mission Studies. She is also actively involved in the Reformed Church in the high-rise residential area where she lives (Gazdagret, Budapest).

Great news!
If you would like to support the ministry of the Central and Eastern European Institute for Mission Studies of the Karoli Gaspar Reformed University (KRE) you may send your tax-deductible gifts to:

I.D.E.A Ministries, 4595 Broadmoor—Suite 237, Grand Rapids, MI 49512, USA. We are pleased to inform you that we are now able to process online donations (for U.S. residents). Please visit our website http://www.ideaministries.org/, and click on the “donate to IDEA’ link for your supporters they would go to “OTHER” and type in the comments box “KRE/CIMS”.

If you have any questions please call Robin Skestone at the Idea Ministries Grand Rapids office (tel. 616.698.8393).

Please indicate that this donation is for the KRE/CIMS, otherwise we will not receive your contribution. Please also add the designation of your donation.

The Karoli Gaspar Reformed University / CIMS,
Kalvin ter 7.II,
P.O. Box 73,
1461 Budapest, Hungary.
Tel. +36 1 2162054, ext. 101.
E-mail: amkool@kre.hu or amkool@t-online.hu.

Kool Nieuws van de Károli -- 4

Budapest, 17 november 2007.


Aan de Herv. Gemeenten te
Houten en te Oud-Alblas
Beste vrienden en familie!

Ter afsluiting van mijn laatste lezing in Princeton liet ik een afbeelding zien van het schilderij van Rembrandt van de verloren zoon. Een Ghanese predikant, Attah, die alle lezingen over zending in Midden- en Oosteuropa had bijgewoond stelde een indringende vraag: “Ik krijg de indruk dat er vele verloren zonen en dochters in dit gebied zijn. In hoeverre zijn de kerken in staat om ze te helpen de weg terug te vinden naar de Vader?” In mijn antwoord riep ik de kerken van Afrika op om hun zendingswerk in Europa serieus te nemen, en kerken in Europa te laten delen in hun geestkracht en geestelijke vitaliteit. Vaak heb ik teruggedacht aan deze indringende vraag.

Toenemende openheid (1)
Na de kerkdienst van vorige week zondag kwamen Orsolya en Zoltán op de koffie. Ze waren verbaasd van wat ze zojuist hadden meegemaakt. “Mensen spraken ons aan, en waren in ons geintereseerd. Zoiets hebben we nog nooit meegemaakt. In de preek ging het over ons. En wat een mooie liederen! We komen zeker weer!” Ze waren er voor het eerst. Orsolya had de laatste jaren van haar middelbare schooltijd in Amerika doorgebracht en was daar in het gastgezin tot geloof gekomen. Via een gezamenlijke vriendin uit Grand Rapids was ik met hen in kontakt gekomen. Ze waren beiden opgegroeid in wat ze noemden in een typisch hongaars gezin met overmatig drankgebruik en scheiding. Zoltán was al enige tijd vol interesse de bijbel aan het lezen. In september trok een grote maaltijd in de kerk voor geinteresseerden uit de wijk meer dan 85 mensen. Bijna de helft neemt nu deel aan de Alpha cursus. De voorafgaande weken kwam het thema gastvrijheid en openheid expliciet aan de orde in de preek: “Wij wijzen vaak mensen af die anderszijn, maar de Here accepteert hen. Daarom zijn wij ook daartoe geroepen.” Het valt me op dat de openheid voor het Evangelie de afgelopen tijd sterk is gegroeid.

Enkele weken geleden had ik een heel open gesprek met een gepensioneerde joodse hoogleraar, Gyöngyi, die haar hele leven bewust als atheiste geleefd had. Via mijn vrienden Gabor en Kati had ik haar vorig jaar kerst voor het eerst ontmoet. Ze had te horen gekregen ongeneeselijk ziek te zijn en, bang om te sterven, had Kati gevraagd of ik eens langs wilde komen. Ze was erg op zoek. Er was openheid om uit de bijbel te lezen en samen te bidden.

Openheid in de universiteit (2)
Eenzelfde openheid merk ik sterk bij studenten en kollega’s van de Karoli universiteit. Zo’n 25% zijn min of meer kerkelijk meelevend, in die zin weerspiegelt de universiteit de situatie in kerk en maatschappij in Hongarije. Via een centraal landelijk aanmeldingssysteem worden de studenten toegelaten, er kunnen dus geen aparte eisen gesteld worden aan hun christelijke identiteit of kerkelijke afkomst. Aangezien de kollegeruimtes van het Zendingsinstituut nu ook intensief gebruikt worden door studenten van andere faculteiten, zijn er vele spontane ontmoetingen en gesprekken. Pas raakte ik in gesprek met János Wimmer, een student geschiedenis. “Weet je dat je dezelfde naam hebt als een predikant die in de 19e eeuw heel aktief was in het zendingswerk?” Hij zou graag een college zendingsgeschiedenis volgen. Net als destijds in 1987 raak ik zo weer betrokken bij het evangelisatiewerk onder studenten.

Open deuren
De afgelopen maanden is een ware ontdekkingstocht geweest uit te vinden wat zijn de konkrete mogelijkheden zijn om binnen de verschillende faculteiten kolleges te gaan geven. Waar ligt de interesse van de studenten? Met wie is er samen te werken? Een ding is duidelijk: er zijn meer open deuren dan ik had gedacht: niet alleen voor het geven van kollege’s aan de Faculteit Godgeleerdheid, maar ook aan de Letterenfaculteit, aan de vakgroepen Nederlands en Engels, en aan de vakgroep Godsdienstwetenschap.

Ontmoetingsplaats

Vooral de bibliotheek lijkt een prominente rol te kunnen vervullen niet alleen als studieruimte, maar vooral ook als informele ontmoetingsplaats. We hopen daartoe de keukenruimte om te toveren tot een gezellig koffiehoekje. Helpt u mee dit te verwerkelijken door ondersteuning van het werk van het CIMS?

Toekomstvisie?!

Het Calvijn plein lijkt in veel opzichten de kerkelijke en politieke situatie van dit moment te weerspiegelen. De werkzaamheden voor de bouw van de 4de metrolijn blokkeren een vlotte doorstroom van het verkeer door de binnenstad. Het is een diepe, lawaaierige werkput, die goede communicatie bemoeilijkt. Het valt niet mee er je weg te vinden. Volgens berichten duurt dit nog zeker twee jaar... Er is een groot geloof en veel visie voor nodig je te kunnen voorstellen dat er in 2011 werkelijk een 4de metrolijn zal lopen die de vervoersproblemen zal oplossen (http://www.metro4.hu/milyenlesz.php).

Het gebrek aan toekomstvisie lijkt de hele maatschappij te verlammen. Er heerst een sfeer van apathie, moedeloosheid en hopeloosheid. Prijzen stijgen, de inflatie neemt toe, het nivo van de gezondheidszorg zakt schrikbarend. Het lijkt soms wel of de onderlinge communicatie kanalen totaal zijn dichtgeslibt door een diep gevoel van onderling wantrouwen. Heel recent werden we in de kerk opgeschrikt door twee schrijnende gevallen van zelfdoding door twee jonge predikanten. Een andere jonge predikant liet zijn vrouw en vier kinderen in de steek.

Ook hoor je in toenemende mate geluiden dat de enige weg voor Hongarije uit deze malaise is het versterken van en het je terugtrekken op de eigen Hongaarse cultuur. Vorige week verwoordde een student het als: “wij leren van jongsaf dat we moeten neerzien op omliggende volken, dat zij tweederangs zijn, en dat onze Hongaarse cultuur onaantastbaar is. Nu ontdek ik door dit college dat God alle volkeren liefheeft, en dat het niet juist is zo uitsluitend op onze eigen cultuur gericht te zijn. We kunnen en moeten ook open zijn voor anderen.” Het viel de afgelopen week op een zendingsconferentie voor Midden- en Oosteuropa op dat in vergelijking tot de omliggende landen de Hongaarse kerken veel minder een visie hebben voor zending onder andere culturen en ook veel minder aktiviteiten ontplooien. Er is een diepe weerstand, ook in de kerken, om open te zijn voor de Roma, dat bleek ook recentelijk weer in voorbereiding op de wereldconferentie voor missiologen die in Augustus in Hongarije wordt gehouden.

Tijdens een weekopening hield de rector van de universiteit, Dr. Ferenc Szűcs ons voor dat de enige uitweg in deze chaotische en verwarrende tijd, met vele problemen en conflicten is: „Geen paniek, Jezus leeft!” Het lijkt er inderdaad op dat deze moeilijke situatie mensen dwingt om over vragen van geloof na te denken. Maar de vraag van Attah, in hoeverre zijn de kerken in staat om ze te helpen de weg terug te vinden naar de Vader, komt vaak in me boven. Meer en meer blijkt, dat vragen waar Hongarije mee worstelt ook in andere landen voorkomen, m.n. de vraag hoe een waardering en respect voor eigen cultuur te combineren met een openheid en waardering voor andere culturen.

(Oud-)studenten vertellen...
Regelmatig loop ik oud-studenten tegen het lijf. Afgelopen week ontmoette ik Angelika. In 1995 en de jaren daarna volgde ze colleges missiologie. Samen met haar man heeft ze enkele jaren zendingswerk in India gedaan. Nu coordineren ze het werk van een international zendingsorganisatie in Hongarije. Ook Janet was er, die vorig jaar haar postdoktorale opleiding afsloot. Via een stage in het kader van haar studie was ze in contact gekomen met enkele meisjes uit Mongolie die in Hongarije wonen. Ondertussen is er een Mongoolse gemeente ontstaan en is er een verlangen gegroeid bij enkele jongeren om zelf als zendingswerker uitgezonden te worden. Het is geweldig te zien hoe Janet hen als een mentor helpt. Er is een enorme behoefte aan toerusting en training. Ook is Janet betrokken bij het college communicatie in andere culturen aan de Károli. Emőke kwam ik in Princeton tegen. Afkomstig uit Servie, studeerde ze in Pápa en liep stage o.a. in Rotterdam. Daar werd ze uitgedaagd uit haar “Hongaarse” wereld te stappen, en realiseerde ze wat een verrijking dat is. Nu is ze in Princeton betrokken bij het bureau internationale zaken van het Seminarie, verantwoordelijk voor het versterken van de contacten met amerikaanse en buitenlandse studenten. Een andere student uit Pápa, Krisztián, komt iedere week een dag vrijwilligerswerk doen in het zendingsinstituut. Nóra, ook uit Papa, is aktief betrokken bij een netwerk voor predikanten aktief in stadszending. Gábor was op uitnodiging van László betrokken bij een vakantiebijbelclub in zijn gemeente, met kinderen uit een achterstandswijk. Beiden sloten in juni hun postdoktorale programma af. Met kerst is er een vervolg. In september was ik op bezoek in de gemeente van Szerena, die deelneemt aan het PhD programma, bij het in gebruik nemen van de opgeknapte pastorie. Drie weken lang had iedereen de handen uit de mouwen gestoken, en waren kosten nog moeiten gespaart. “Ze waardeert wat we doen, daarom werken we zo graag mee”. De gemeente is de afgelopen jaren heel sterk gegroeid. “Er is grote verbazing in het dorp dat er zoveel verschillende mensen bij de gemeente horen.” 1 Kor. 12 in praktijk!


Fundamenten leggen...
De afgelopen maanden lag het accent van mijn werk, naast het college geven en begeleiden vooral op het voorwaarden scheppend bezig zijn. Het fotokopieerapparaat heeft het na 14 jaar trouwe dienst begeven (5000 USD). Verder is het computernetwerk is aan een update en uitbreiding toe, door een intensiever gebruik van de bibliotheek (3500 USD). Ook het inrichten van de coffee corner vereist een investering (Totaal 2500 USD). Dit is wat dit jaar nog nodig is.

Zoals jullie weten is de bijdrage van de universiteit aan het instituut zeer beperkt, en zijn we vooral op externe financiele bronnen aangewezen. We zijn bezig met het opzetten van programma’s die duurzaam zijn, zoals het Master of Theology programma in samenwerking met de Universiteit van Zuid-Afrika. Ook kortere cursussen en programma’s staan op stapel, gericht op de missionaire toerusting van de gemeente en de training van zendingswerkers. Vooral de training van de trainers is nodig! Er is een fonds opgericht, waaruit studenten studiebeurzen kunnen aan vragen (20000 USD nodig). Ook predikanten uit Midden- en Oosteuropa die voor een studieverlof van enkele weken willen komen kunnen uit dit fonds ondersteuning aanvragen. Wilt u dit fonds ondersteunen?

U begrijpt dat het niet eenvoudig is om lange termijn plannen te maken als je niet weet hoe de financien zich ontwikkelen. Mogen we u daarom vragen om een toezegging te doen met welk bedrag u het instituut het komende jaar wilt ondersteunen?

Uw kerstgift zien we met dankbaarheid tegemoet.

Plannen voor de komende maanden
Naast het afronden van colleges in dit semester en het voorbereiden van het komende semester ben ik intensief betrokken bij drie PhD studenten die de komende maanden hun dissertatie af te ronden: László Gonda, Dorottya Nagy en Randy Robertson.

· 23-25 november 2007: spreken op de conferentie voor predikanten en gemeenten in stadswijken
· 25-29 november 2007: bezoek Prof. Dr. Klippies Kritzinger (Zuid-Afrika) aan de KRE-CIMS (lezingen, onderhandelingen over samenwerking in Master of Theology programma.
· 10-12 december 2007: bezoek aan theol. Opleidingen in Polen en Tsjechie.
· 14 december 2007 – 4 januari 2008: verlof in Nederland.
· 19 – 30 januari 2008: Studiedagen en Bestuursvergadering van de International Association for Mission Studies in Los Angeles, USA.
· 9 febr. 2008: Gemeentencontacten dag (voor info cims@kre.hu)
· 4 maart 2008: Inaugurele rede aan de Károli Ref. Universiteit (info: cims@kre.hu)

Dank voor jullie aller meeleven. Van harte bid ik jullie allen een goede adventstijd toe. En: tot spoedig ziens!

In Christus verbonden,



Anne-Marie Kool