Updates, resources and impressions related to my pilgrimage in mission and missiology in Croatia and Central and Eastern Europe as a sign, that God still moves in a mysterious way, His wonders to perform!
Showing posts with label Kool Nieuws. Show all posts
Showing posts with label Kool Nieuws. Show all posts
Saturday, December 4, 2010
Saturday, March 6, 2010
Monday, February 8, 2010
Saturday, December 5, 2009
Saturday, June 27, 2009
Saturday, April 18, 2009
Kool Nieuws van de Károli -- 8
1. Een VIP plaats in het ziekenhuis met uitzicht op het Margaretha eilandZoals Gij eenmaal mijn geroep verhoorde,
zo spreek weer tot uw knecht en geef hem licht.
Mijn hart zegt stil de liefelijke woorden
die Gij eens zeide: "Zoek mijn aangezicht".
Uw aangezicht, ik wil het zoeken, Heer!
Verberg het niet, beproef mij niet te zeer!
Ik hoop geen heil dan Gij voor mij bewaart,
ik smacht naar 't uur dat Gij U openbaart!
Ps. 27: 4 (Liedboek)
Budapest, 18 april 2009.
Aan de Herv. Gemeenten te
Houten en te Oud-Alblas
Beste vrienden en familie van Anne-Marie!
Eind januari hebben wij u moeten berichten over de ziekte van Anne-Marie Kool. Ze was toen met spoed opgenomen in een van de ziekenhuizen in Boedapest. Na een aantal weken werd ze ontslagen om thuis verder te herstellen. Dat herstel gaat langzaam en zal menselijkerwijs gesproken nog een aantal maanden vragen. Voor Anne-Marie geen eenvoudige opgave. Zelf zegt ze daarover:
Die dinsdagochtend, eind januari, bij mijn huisarts vergeet ik niet snel. Al enkele maanden had ik de deur bij haar plat gelopen. Ik had haar juist verteld van de laatste ontwikkeling, dat het weer in mijn rug was geschoten. Ik liet haar de röntgenfoto’s zien die de dag ervoor gemaakt waren. „Dat is niet mis”, merkte ze veelbetekenend op. Bij het weggaan voelde ik me onwel worden van de pijn. „Ik weet niet of ik zo nog kan werken”, kon ik er met moeite uitbrengen, waarop ze reageerde: „Je moest maar een weekje met ziekte verlof...”. Enkele dagen later was ik terug bij de rheumatoloog. „Wat is er met jou gebeurd sinds vorige week?” Je situatie is erg verslechterd. Niet alleen is je heup versleten en heb je mogelijk een rheumatische aandoening, ik vermoed sterk dat je nu ook een hernia hebt. Een dag later lag ik in het ziekenhuis aan het infuus.
2. Daar lig je dan... Eigenlijk met een gevoel van opluchting, want al anderhalf jaar had ik allerlei onduidelijke lichamelijke klachten.
Meest gestelde vragen
1. Hoe was het om zo plotseling in het ziekenhuis terecht te komen?
Ik was blij dat mijn vrienden Kati en Gabor me de nodige instrukties hadden gegeven: zorg ervoor bord en bestek mee te nemen, ook een mok, een glas en enkele theedoeken. Nooit zal ik vergeten met wat voor zorg en liefde Rózsa, een zigeunervrouw, me ontving op de ziekenzaal. Direkt deelde ze met mij haar “voorraadje” vruchtensap en fruit. Letterlijk was zij degene die mij direkt een glas water aanreikte.
2 Rózsa (en mijn grote teen)
Ondertussen vertelde ze mij veel van haar leven, haar kinderen, haar zorgen. Regelmatig en lazen we uit de bijbel, samen met onze andere kamergenote.

Maandag kwam Mineke Hardeman op bezoek (dit Kool Nieuws is ook van haar hand), een bezoek dat al maanden tevoren gepland was. Omdat ze al drie jaar nauw bij het reilen en zeilen van het Zendingsinstituut is betrokken kon ze direkt min of meer het roer overnemen. Wat een teken van God’s voorzienigheid. Ze hielp om orde te scheppen in de 1001 vragen die door mijn hoofd spookten: hoe moet het met de colleges? met mijn email? en waar mogelijk stak ze de handen uit de mouwen.
Niet alleen Gábor en Kati, Rózsa en mineke waren reddende engelen. Vele vrienden, familieleden, gemeenteleden van de Gazdagrét gemeente, uit Houten en uit Oud-Alblas toonden hun meeleven, en waar nodig hielpen ook heel praktisch. Voor iemand die gewend is de eigen boontjes te doppen was het niet eenvoudig om hulp te leren vragen en te ontvangen.

Maandag kwam Mineke Hardeman op bezoek (dit Kool Nieuws is ook van haar hand), een bezoek dat al maanden tevoren gepland was. Omdat ze al drie jaar nauw bij het reilen en zeilen van het Zendingsinstituut is betrokken kon ze direkt min of meer het roer overnemen. Wat een teken van God’s voorzienigheid. Ze hielp om orde te scheppen in de 1001 vragen die door mijn hoofd spookten: hoe moet het met de colleges? met mijn email? en waar mogelijk stak ze de handen uit de mouwen.
Niet alleen Gábor en Kati, Rózsa en mineke waren reddende engelen. Vele vrienden, familieleden, gemeenteleden van de Gazdagrét gemeente, uit Houten en uit Oud-Alblas toonden hun meeleven, en waar nodig hielpen ook heel praktisch. Voor iemand die gewend is de eigen boontjes te doppen was het niet eenvoudig om hulp te leren vragen en te ontvangen.
3 Mineke aan mijn bed: zegt u’t maar...
2. Hoe breng je je dagen door?
Gelukkig houd ik veel van lezen. Afgezien van het “ziekenhuis ritme” of “thuisritme” van behandelingen, oefeningen, bezoeken aan artsen, physiotherapeut etc. is het een weldaad om ineens meer tijd te hebben om na te denken en te bidden. Het is ook een zegen om in het donker van een (slapeloze) nacht psalmen te kunnen zingen. Eerst was ps. 63 me heel na, nu ook komen ps. 42, 130 en natuurlijk ps. 27 regelmatig boven. De afgelopen weken kan ik steeds langer zitten (zelfs was ik weer voor het eerst in de kerk met Pasen!), en ook zijn korte wandelingen buiten nu toegestaan.
Ik geniet ontzettend van bloemen om me heen, vooral van prachtige orchideen.
Gelukkig houd ik veel van lezen. Afgezien van het “ziekenhuis ritme” of “thuisritme” van behandelingen, oefeningen, bezoeken aan artsen, physiotherapeut etc. is het een weldaad om ineens meer tijd te hebben om na te denken en te bidden. Het is ook een zegen om in het donker van een (slapeloze) nacht psalmen te kunnen zingen. Eerst was ps. 63 me heel na, nu ook komen ps. 42, 130 en natuurlijk ps. 27 regelmatig boven. De afgelopen weken kan ik steeds langer zitten (zelfs was ik weer voor het eerst in de kerk met Pasen!), en ook zijn korte wandelingen buiten nu toegestaan.
Ik geniet ontzettend van bloemen om me heen, vooral van prachtige orchideen.
4 Bloemen als hartversterker
3. Hoe houd je het zo lang vol?
Als je nooit echt ziek bent geweest was het even slikken toen de arts enkele weken geleden meedeelde: “we staan nog maar aan het begin van je behandeling...”. Het betekent in deze tijd ontzettend veel om jullie meeleven en voorbede te ervaren. Iemand merkte op: er wordt 24 uur per dag en 7 dagen per week voor je gebeden, verwijzend naar de reakties van Botswana en Zuid-Afrika tot de Philippijnen en Amerika. De vele kaarten zijn daar een stille getuige. Ook de vele verrassingstelefoontjes! Misschien hielp me wel meest dat het me vanaf dag 1 duidelijk was dat de Here me aan de zijlijn had geplaatst om over vele vragen na te denken, waar ik al jaren aan voorbij was gerend. En dan zijn er natuurlijk de vele bezoekjes. Een oud-student die komt vertellen hoe het in zijn gemeente gaat. Studenten die berichten dat de colleges van Drs. Szerena Edit Vass zo goed verlopen.
Berichten van collega’s die me heel dankbaar maken, dat het werk van het Zendingsinstituut toch door gaat. -“Here, ben ik dan toch niet zo belangrijk, dat alles van mij afhangt?”
“Nee, uiteindelijk kan ik het zonder jou ook wel klaren!”
-“Wat een opluchting.”
“Wel bereid ik je nu voor op een nieuwe fase in je werk!”
In de praktijk ervaren dat zending God’s werk is, is nog heel wat anders dan dat aan de studenten voorhouden.
Iedere donderdagavond brengt een lichtstraal, omdat de bijbelkring waartoe ik behoor, bij mij samenkomt. Eerst “lag ik aan”, nu kan ik gelukkig weer zittend meedoen.
In veel opzichten is deze ziekte een tijd van beproeving, ook van loutering, met alle ups en downs van dien. Een student bad pas geleden: “Here, wilt u Anne-Marie beter maken, maar als u haar nog meer lessen wil leren, die ze later aan ons mag doorgeven, wilt u daar dan nog even mee wachten.” Dat trof me enorm.
4. Waarom duurt je ziekte zo lang?
Meer en meer wordt duidelijk dat er complexe problemen zijn met mijn rug, veel meer dan een hernia alleen. Ook dat ik hard aan “achterstallig onderhoud” toe was, een “grote beurt” zo je wilt. Gelukkig is er sprake van langzame vooruitgang, soms ook weer van een stapje terug. Met veel fysiotherapie en oefeningen, en met steeds nieuwe medicatie probeert men de pijn problemen op te lossen.
5. Hoe kunnen we voor je bidden?
Heel sterk ervaar ik dat de Here me nu een nieuw soort zendingsveld geeft, door gewoon maar te zijn in plaats van te doen. Soms heb ik het gevoel stage te lopen, om uit de eerste hand te horen wat er zich afspeelt in de hongaarse maatschappij.
Bidt dat ik in alle zwakheid een getrouwe getuige van Hem mag zijn. Bidt voor hen die tijdens mijn ziekte op mijn weg zijn gekomen: Rozsa, Irene, Marika, Kati, Edit, Lilli, Maria, Erzsebet en Agota.
Bidt verder om innerlijke rust, om licht en uitzicht in tijden van storm en duisternis. Vooral om helder zicht op Christus en Zijn kruis. Ook om overgave, geduld en vertrouwen op de Here in tijden dat vragen op me af komen of het ooit wel goed zal komen.
Tenslotte, bidt om verdere genezing, om naar lichaam, ziel en geest weer versterkt te worden voor de taak die wacht. Ik geef nu mijn “pen” weer over aan Mineke. Zij vervolgt...”
God’s werk gaat door…
Vanaf een grote afstand de ontwikkelingen in het zendingsinstituut volgen, meer zit er op dit moment niet in. Het tweede semester van het collegejaar begon ongeveer op het moment dat de ziekenhuisopname werd gerealiseerd. Dat betekende dat de eerste zorg was om de verschillende colleges op korte termijn over te dragen. Dankzij de inzet van een aantal mensen is het gelukt. Een van die mensen is Drs. Edit Serena Vass, een AIO van Anne-Marie, die bezig is met de voorbereiding op haar promotie onderzoek aan de Karoli universiteit. Zij heeft in het verleden ook delen van haar studie bij Anne-Marie gedaan en heeft inmiddels een brede ervaring in missionair werk op het platteland. Zij geeft een aantal verplichte colleges naast haar werk als gemeentepredikant.
5 Drs. Edit Szerena Vass
Dr. Dorottya Nagy uit Utrecht die in december promoveerde bij de hoogleraren Jongeneel en Kool heeft ook een aantal colleges voor haar rekening genomen.
Verder zal ds Andras Lovas, één van de wijkpredikanten van de Gazdagret gemeente in Boedapest en ook bezig met zijn proefschrift enkele colleges overnemen. Tenslotte verzorgd ds Eszter Dani een reeks colleges over zending en Roma.
De staf van het instituut bestaat verder uit een bibliothecaresse –Gabrielle Maros- zij is nu ruim een jaar in dienst,
6 Gabi
een bureaumanager, Mónika Józsa, sinds september 2008 in dienst en een vrijwilligster als gastvrouw: Cindy Ippel.
7 Mőnika en Cindy
Voor de staf betekent de afwezigheid van de directeur- hoogleraar dat er veel extra vragen op hen af komen. Met veel inzet wordt het geheel vorm gegeven, zij het dat de kerntaken van onderwijs en onderzoek niet door hen gedragen kunnen worden.
Hoogtepunten
In het volgende Kool Nieuws hoort u meer van de drie promoties die de afgelopen vier maanden plaatsvonden, alsook van de gastcolleges van Prof. Daniel Jeyaraj over de Dalit in India. Ook vertellen we u dan meer over het seminar over Geld en geldwerving voor christelijke organisaties. Een zeer aktueel onderwerp ook in Hongarije. Het stemt tot grote dankbaarheid dat deze gastcolleges en dit seminar zelfstandig door de staf zijn georganiseerd! Ook dat is een teken van dat God’s werk doorgaat!
Met heel hartelijke groeten, mede namens Anne-Marie
Mineke Hardeman
(mhardeman@planet.nl)
Monday, November 3, 2008
Monday, March 3, 2008
Kool Nieuws van de Károli -- 6
Budapest, 3 maart 2008.
Beste vrienden en familie!
Afgelopen dinsdag stonden we bij de opening van de collegedag voor PhD studenten stil bij Nehemia 1. „Welke zin spreekt je in het bijzonder aan? Welk woord blijft bij je haken?” We waren met vier studenten en drie docenten bij elkaar. “Nehemia laat het slechte nieuws dat de muren van de tempel in Jeruzalem in puin liggen op hem inwerken, en zit dagenlang in zak en as te bidden”, merkte een student op. “Wij hebben de neiging om de realiteit altijd wat op te poetsen, of vluchten in het verleden”, reageerde een ander, “we durven de realiteit niet onder ogen te zien.” “Het raakt me diep dat Nehemia zijn eigen schuld belijdt, maar ook die van zijn volk. Dat is ongekend voor ons. Wat zou dat nodig zijn, ook vandaag.” De hele dag door kwam het gesprek steeds weer terug op de puinhopen die we om ons heen zien in de kerk en maatschappij, de scheuren die overal zichtbaar zijn, maar ook op de wijdverbreide houding (virus?) in de hongaarse samenleving om naar de ander te wijzen, die is schuldig, niet wij.
Over roddel en modder gooien
De afgelopen maanden hield onze predikant, Ds. András Lovas een serie preken over de Tien Geboden, die op profetische wijze ingingen op de aktuele problemen in de hongaarse samenleving, maar waarin ook steeds weer heel duidelijk ter sprake kwam wat in het dagelijks leven betekent: “Maar Gij geheel anders”. In de preek over het 9de gebod (24 febr. 2008), “Gij zult geen vals getuigenis spreken” kwam het volgende aan de orde (in verkorte vorm). Het geeft op heel treffende wijze aan wat er zich de afgelopen anderhalf jaar afspeelt in de hongaarse samenleving. Dit is de kontekst waarin ik werk. Het is niets nieuws, maar een duidelijke schaduw van het verleden. Al 25 jaar geleden schreef Vaclav Havel over de poging om in de Waarheid te leven (Versuch in der Wahrheit zu leben).
Fundament van de maatschappij
“...Het gaat in dit gebod om alle soorten van leugen. Het waarachtige, eerlijke en betrouwbaar spreken behoort tot het fundament van het gemeenschapsleven van een maatschappij. Waar woorden niet dat betekenen wat ze werkelijk betekenen, in termen van vandaag: waar communicatie en manipulatie aan de orde van de dag zijn, in plaats van open en eerlijk spreken, daar sidderen de fundamenten van het maatschappelijk samenleven. Het welzijn en de gezondheid van iedere gemeenschap hangt af van het eerlijk spreken, van passende woorden voor de werkelijkheid. In de hongaarse maatschappij van vandaag beleven we de ernstige waarheid hiervan. Hiermee realiseren we ons ook dat het afleggen van een vals getuigenis, van iedere vorm van leugen niet alleen een individuele, maar ook een gemeenschappelijke zonde is.
Roddel totaal geaccepteerd
God waarschuwt zijn volk niet alleen daarom, om geen vals getuigenis af te leggen, omdat het op zichzelf slecht is, maar ook, omdat het schadelijk is voor een ander: Gij zult geen vals getuigenis spreken TEGEN UW NAASTE.” Leugen vernieldt, vernietigt de ander... Het eigen belang wordt boven dat van de waarheid geplaatst. De goede naam van de ander, zijn bezit, zijn nut, zijn gezondheid wordt beschadigd, omdat wij aan ons eigen belang vasthouden. ... Vaak doen we dit onbewust... we realiseren ons niet wat we hiermee aanrichten. Roddelen, achterklap is totaal geaccepteerd in het alledaagse leven... Het is een deel van onszelf geworden daaraan mee te doen... Het is, met de woorden van Joh. Calvijn: een “zoet vergif, waarin we behagen scheppen”. Hoe komt het dat we in dit dodelijk en vernietigende gif zo’n behagen scheppen?
“Maar Gij geheel anders”
... Jezus roept ons op om hiermee te stoppen. Dat is mogelijk als we met schuldbelijdenis ons tot hem wenden, en heel bewust ons afkeren van de leugen: “Als de Zoon u vrijmaakt zult gij waarlijk vrij zijn.” Hij is de enige die ons kan vrij maken van het vooropstellen van je eigenbelang. Hij bevrijdt je van de dwang, om jezelf waar te maken door de ander vuil te maken. Hij roept ons tot zichzelf, als je het gevoel hebt dat een gemeenschap je niet meer accepteert, omdat je niet meer meedoet met het modder gooien en het zwartmaken van anderen. ... Hij schenkt ons Zijn Geest, de Geest van de waarheid, die ons opnieuw fijngevoelig maakt naar de waarheid. ... Hiertoe roept God ons, ook als gemeente. Dat we dragers zijn van het spreken van de waarheid, van liefde en van zegen in deze wereld. Dat we beginnen met anderen oprecht te prijzen. Dat we in plaats van schelden goed over anderen spreken. Dat als we iets kwaads horen, onze oren sluiten, of als de beschuldiging ongegrond is, dat we de ander verdedigen. Laten we in het alledaagse leven het vuilmaken van een ander, het vervloeken stoppen, en laten we in plaats daarvan boodschappen de wereld in sturen die opbouwend zijn, die respect tonen voor de ander, die zegen brengen. Laten we dit heel konkreet doen in onze omgeving, op ons werk, op school, in onze familie, in onze gemeente. Laten we elkaar bemoedigen, prijzen, elkaar opbouwen, en zo tegen de stroom van roddel, en cynische en bittere opmerkingen ingaan. Laten we op deze manier zout en gist zijn in ons land, en ons zo voorbereiden op de toekomst, waartoe de Here ons roept. Alleen een vernieuwde en voortdurend vernieuwende gemeenschap is het die de machtige daden van God zal zijn in een bedorven land. Amen”
Vredestichter zijn
Het doet me denken aan de gesprekken met leiders van theologische instituten in Midden-Europa op een conferentie in Praag, twee weken geleden. Ik was gevraagd te spreken over Hoe met conflicten om te gaan (How to manage conflict). In mijn verhaal benadrukte ik enerzijds elementen uit de post-communistische cultuur die snel aanleiding geven tot conflicten, en ook van conflict mijdende houdingen. Verder dat de kern van zending eigenlijk is om een boodschapper van shalom, van het verkondigen van de weg van vrede met God in Christus en met elkaar te zijn. Heel vaak is er een grote kloof tussen leven uit de verzoening met God in Christus en het leven van alledag, terwijl Paulus ons toch oproept een een ambassadeur van de verzoening te zijn. Vaak ontlopen we conflicten of wakkeren we juist het vuurtje van conflicten aan, in plaats van vrede te zoeken en vrede stichters te zijn (Cf. Ken Sande, Zalig zijn de vredestichters. Bijbelse gids voor het oplossen van conflicten, uitg. Medema). Ik was eigenlijk onthutst om de verhalen te horen van mijn jongere collega’s, van situaties van diepe conflicten, beschuldigingen, van eenzaamheid, van strijd en worsteling hoe daarmee om te gaan. Het klonk me allemaal heel bekend in de oren.
Missionair gemeente zijn in Oost en West
Begin februari werd in Houten een themadag gehouden over gemeentecontacten met kerkelijke gemeenten in Midden en Oost Europa. Ruim 50 personen hebben een dag lang met elkaar stilgestaan bij de vragen die er leven zowel in Nederland als ook in Midden en Oost Europa over de vorm en inhoud van de contacten.
Aanleiding was dat ik met een zekere regelmaat vragen krijg van afzonderlijke gemeenten om ondersteuning bij het onderhoud van de contacten. Tot nu toe werden deze vragen waar mogelijk beantwoord tijdens deputatiewerk. Sinds de oprichting van het Central and Eastern European Institute for Mission Studies aan de Karoli universiteit van Boedapest is het mogelijk om de gemeentecontacten tot deel van onderzoek en toerusting te maken. Een eerste stap werd gezet met de bijeenkomst in Houten.
Uit de reacties vooraf en ook tijdens de dag werd duidelijk het gemeentecontact in vele kerkelijke gemeenten in Nederland nog leeft maar dat zich ongeveer 20 jaar na de veranderingen in Midden en Oost Europa vele nieuwe vragen zich aandienen. Het ging om een gezamenlijke bezinning op Missionair gemeente zijn in Oost en West en hoe we als gemeenten vanuit een gelijkwaardige positie naast elkaar te staan. De vragen die zich aandienen zijn niet alleen de vragen in Hongarije of Roemenië maar ook de vragen in Nederland en geheel Europa: de overgang van een Christendom naar een post-Christendom tijdperk. Er is geen panacee, geen standaardoplossing voor de vragen die betrokkenen bij gemeentecontacten hebben. Er ligt wel een geweldige uitdaging: zoeken naar vormen waarin de vragen die zich aandienen gemeenschappelijke vragen worden, waarin sprake is van gelijkwaardigheid in plaats van eenzijdigheid en eenrichtingsverkeer.
· Als gemeenten je realiseren dat je deel uitmaakt van een groter geheel
· Bemoedigen van de gemeente en stimuleren getuige te zijn, waar nodig samen te werken aan toerusting
· Bespreken van de vraagstukken die zich aandienen aan beide kanten: maatschappelijke vragen , vragen die zich in de kerk aandienen
· Nagaan wat identiteit en etniciteit betekenen: de ander in het oosten veelal Roma, in het westen de moslims
· Waar nodig en mogelijk elkaar de spiegel voorhouden
Wanneer beide partijen bereid zijn om een gezamenlijke weg te gaan, elkaar er aan te herinneren deel te zijn van het wereldwijde Christendom, naast en met elkaar te staan, elkaar te bemoedigen dan biedt het alle kansen om nieuwe aspecten van Gods koninkrijk te leren kennen.
“Do the Next Thing”
In een kerk en maatschappij met deze “erfenis” is de Károli Universiteit in een unieke situatie om als een van de weinige protestantse universiteiten van Midden-Europa geroepen om een zoutend zout te zijn. De uitdagingen zijn vele, ook de open deuren, maar ook de problemen! Bidt voor wijsheid voor de leiding van de universiteit en van de kerken. Een vriendin gaf me eens de raad: Do the Next Thing, doe iedere dag dat wat heel duidelijk de volgende stap is.
Er zijn de afgelopen maanden vele wonderen gebeurd.
· Het eerste semester gaf ik twee cursussen met totaal 10 studenten, dit semester biedt nieuwe Zendingsinstituut 6 cursussen aan waar 90 studenten zich voor hebben opgegeven.
· Dank voor alle giften die het mogelijk maken om deze programma’s aan te bieden. Bidt voor meer stabiele partners voor het Zendingsinstituut en de universiteit.
· Dankbaar ben ik voor Szerena en Dóra, met wie ik samen 2 cursussen geef, en voor Prof. Cephas Omenyo uit Ghana die een modulaire cursus geeft.
· Ondertussen groeit ook ons team. We zaten pasgeleden met z’n vijven om de tafel! Gabi is onze nieuwe bibliothecaresse, Krisztián studentenassistent, Szerena AIO, Margit part-time buromedewerkster, en Mineke business manager, PR medewerker, etc. op afstand. Bidt voor een full-time persoonlijke assistent.
· Het Local Committee voor de wereldwijde IAMS missiologen conferentie (16-23 augustus, 2008) is enthousiast bezig.
In een eerder Kool Nieuws maakte ik melding van mijn a.s. oratie. Wegens omstandigheden is dat tot nader datum verschoven.
In Christus verbonden,
Anne-Marie Kool
Beste vrienden en familie!
Afgelopen dinsdag stonden we bij de opening van de collegedag voor PhD studenten stil bij Nehemia 1. „Welke zin spreekt je in het bijzonder aan? Welk woord blijft bij je haken?” We waren met vier studenten en drie docenten bij elkaar. “Nehemia laat het slechte nieuws dat de muren van de tempel in Jeruzalem in puin liggen op hem inwerken, en zit dagenlang in zak en as te bidden”, merkte een student op. “Wij hebben de neiging om de realiteit altijd wat op te poetsen, of vluchten in het verleden”, reageerde een ander, “we durven de realiteit niet onder ogen te zien.” “Het raakt me diep dat Nehemia zijn eigen schuld belijdt, maar ook die van zijn volk. Dat is ongekend voor ons. Wat zou dat nodig zijn, ook vandaag.” De hele dag door kwam het gesprek steeds weer terug op de puinhopen die we om ons heen zien in de kerk en maatschappij, de scheuren die overal zichtbaar zijn, maar ook op de wijdverbreide houding (virus?) in de hongaarse samenleving om naar de ander te wijzen, die is schuldig, niet wij.
Over roddel en modder gooien
De afgelopen maanden hield onze predikant, Ds. András Lovas een serie preken over de Tien Geboden, die op profetische wijze ingingen op de aktuele problemen in de hongaarse samenleving, maar waarin ook steeds weer heel duidelijk ter sprake kwam wat in het dagelijks leven betekent: “Maar Gij geheel anders”. In de preek over het 9de gebod (24 febr. 2008), “Gij zult geen vals getuigenis spreken” kwam het volgende aan de orde (in verkorte vorm). Het geeft op heel treffende wijze aan wat er zich de afgelopen anderhalf jaar afspeelt in de hongaarse samenleving. Dit is de kontekst waarin ik werk. Het is niets nieuws, maar een duidelijke schaduw van het verleden. Al 25 jaar geleden schreef Vaclav Havel over de poging om in de Waarheid te leven (Versuch in der Wahrheit zu leben).
Fundament van de maatschappij
“...Het gaat in dit gebod om alle soorten van leugen. Het waarachtige, eerlijke en betrouwbaar spreken behoort tot het fundament van het gemeenschapsleven van een maatschappij. Waar woorden niet dat betekenen wat ze werkelijk betekenen, in termen van vandaag: waar communicatie en manipulatie aan de orde van de dag zijn, in plaats van open en eerlijk spreken, daar sidderen de fundamenten van het maatschappelijk samenleven. Het welzijn en de gezondheid van iedere gemeenschap hangt af van het eerlijk spreken, van passende woorden voor de werkelijkheid. In de hongaarse maatschappij van vandaag beleven we de ernstige waarheid hiervan. Hiermee realiseren we ons ook dat het afleggen van een vals getuigenis, van iedere vorm van leugen niet alleen een individuele, maar ook een gemeenschappelijke zonde is.
Roddel totaal geaccepteerd
God waarschuwt zijn volk niet alleen daarom, om geen vals getuigenis af te leggen, omdat het op zichzelf slecht is, maar ook, omdat het schadelijk is voor een ander: Gij zult geen vals getuigenis spreken TEGEN UW NAASTE.” Leugen vernieldt, vernietigt de ander... Het eigen belang wordt boven dat van de waarheid geplaatst. De goede naam van de ander, zijn bezit, zijn nut, zijn gezondheid wordt beschadigd, omdat wij aan ons eigen belang vasthouden. ... Vaak doen we dit onbewust... we realiseren ons niet wat we hiermee aanrichten. Roddelen, achterklap is totaal geaccepteerd in het alledaagse leven... Het is een deel van onszelf geworden daaraan mee te doen... Het is, met de woorden van Joh. Calvijn: een “zoet vergif, waarin we behagen scheppen”. Hoe komt het dat we in dit dodelijk en vernietigende gif zo’n behagen scheppen?
“Maar Gij geheel anders”
... Jezus roept ons op om hiermee te stoppen. Dat is mogelijk als we met schuldbelijdenis ons tot hem wenden, en heel bewust ons afkeren van de leugen: “Als de Zoon u vrijmaakt zult gij waarlijk vrij zijn.” Hij is de enige die ons kan vrij maken van het vooropstellen van je eigenbelang. Hij bevrijdt je van de dwang, om jezelf waar te maken door de ander vuil te maken. Hij roept ons tot zichzelf, als je het gevoel hebt dat een gemeenschap je niet meer accepteert, omdat je niet meer meedoet met het modder gooien en het zwartmaken van anderen. ... Hij schenkt ons Zijn Geest, de Geest van de waarheid, die ons opnieuw fijngevoelig maakt naar de waarheid. ... Hiertoe roept God ons, ook als gemeente. Dat we dragers zijn van het spreken van de waarheid, van liefde en van zegen in deze wereld. Dat we beginnen met anderen oprecht te prijzen. Dat we in plaats van schelden goed over anderen spreken. Dat als we iets kwaads horen, onze oren sluiten, of als de beschuldiging ongegrond is, dat we de ander verdedigen. Laten we in het alledaagse leven het vuilmaken van een ander, het vervloeken stoppen, en laten we in plaats daarvan boodschappen de wereld in sturen die opbouwend zijn, die respect tonen voor de ander, die zegen brengen. Laten we dit heel konkreet doen in onze omgeving, op ons werk, op school, in onze familie, in onze gemeente. Laten we elkaar bemoedigen, prijzen, elkaar opbouwen, en zo tegen de stroom van roddel, en cynische en bittere opmerkingen ingaan. Laten we op deze manier zout en gist zijn in ons land, en ons zo voorbereiden op de toekomst, waartoe de Here ons roept. Alleen een vernieuwde en voortdurend vernieuwende gemeenschap is het die de machtige daden van God zal zijn in een bedorven land. Amen”
Vredestichter zijn
Het doet me denken aan de gesprekken met leiders van theologische instituten in Midden-Europa op een conferentie in Praag, twee weken geleden. Ik was gevraagd te spreken over Hoe met conflicten om te gaan (How to manage conflict). In mijn verhaal benadrukte ik enerzijds elementen uit de post-communistische cultuur die snel aanleiding geven tot conflicten, en ook van conflict mijdende houdingen. Verder dat de kern van zending eigenlijk is om een boodschapper van shalom, van het verkondigen van de weg van vrede met God in Christus en met elkaar te zijn. Heel vaak is er een grote kloof tussen leven uit de verzoening met God in Christus en het leven van alledag, terwijl Paulus ons toch oproept een een ambassadeur van de verzoening te zijn. Vaak ontlopen we conflicten of wakkeren we juist het vuurtje van conflicten aan, in plaats van vrede te zoeken en vrede stichters te zijn (Cf. Ken Sande, Zalig zijn de vredestichters. Bijbelse gids voor het oplossen van conflicten, uitg. Medema). Ik was eigenlijk onthutst om de verhalen te horen van mijn jongere collega’s, van situaties van diepe conflicten, beschuldigingen, van eenzaamheid, van strijd en worsteling hoe daarmee om te gaan. Het klonk me allemaal heel bekend in de oren.
Missionair gemeente zijn in Oost en West
Begin februari werd in Houten een themadag gehouden over gemeentecontacten met kerkelijke gemeenten in Midden en Oost Europa. Ruim 50 personen hebben een dag lang met elkaar stilgestaan bij de vragen die er leven zowel in Nederland als ook in Midden en Oost Europa over de vorm en inhoud van de contacten.
Aanleiding was dat ik met een zekere regelmaat vragen krijg van afzonderlijke gemeenten om ondersteuning bij het onderhoud van de contacten. Tot nu toe werden deze vragen waar mogelijk beantwoord tijdens deputatiewerk. Sinds de oprichting van het Central and Eastern European Institute for Mission Studies aan de Karoli universiteit van Boedapest is het mogelijk om de gemeentecontacten tot deel van onderzoek en toerusting te maken. Een eerste stap werd gezet met de bijeenkomst in Houten.
Uit de reacties vooraf en ook tijdens de dag werd duidelijk het gemeentecontact in vele kerkelijke gemeenten in Nederland nog leeft maar dat zich ongeveer 20 jaar na de veranderingen in Midden en Oost Europa vele nieuwe vragen zich aandienen. Het ging om een gezamenlijke bezinning op Missionair gemeente zijn in Oost en West en hoe we als gemeenten vanuit een gelijkwaardige positie naast elkaar te staan. De vragen die zich aandienen zijn niet alleen de vragen in Hongarije of Roemenië maar ook de vragen in Nederland en geheel Europa: de overgang van een Christendom naar een post-Christendom tijdperk. Er is geen panacee, geen standaardoplossing voor de vragen die betrokkenen bij gemeentecontacten hebben. Er ligt wel een geweldige uitdaging: zoeken naar vormen waarin de vragen die zich aandienen gemeenschappelijke vragen worden, waarin sprake is van gelijkwaardigheid in plaats van eenzijdigheid en eenrichtingsverkeer.
· Als gemeenten je realiseren dat je deel uitmaakt van een groter geheel
· Bemoedigen van de gemeente en stimuleren getuige te zijn, waar nodig samen te werken aan toerusting
· Bespreken van de vraagstukken die zich aandienen aan beide kanten: maatschappelijke vragen , vragen die zich in de kerk aandienen
· Nagaan wat identiteit en etniciteit betekenen: de ander in het oosten veelal Roma, in het westen de moslims
· Waar nodig en mogelijk elkaar de spiegel voorhouden
Wanneer beide partijen bereid zijn om een gezamenlijke weg te gaan, elkaar er aan te herinneren deel te zijn van het wereldwijde Christendom, naast en met elkaar te staan, elkaar te bemoedigen dan biedt het alle kansen om nieuwe aspecten van Gods koninkrijk te leren kennen.
“Do the Next Thing”
In een kerk en maatschappij met deze “erfenis” is de Károli Universiteit in een unieke situatie om als een van de weinige protestantse universiteiten van Midden-Europa geroepen om een zoutend zout te zijn. De uitdagingen zijn vele, ook de open deuren, maar ook de problemen! Bidt voor wijsheid voor de leiding van de universiteit en van de kerken. Een vriendin gaf me eens de raad: Do the Next Thing, doe iedere dag dat wat heel duidelijk de volgende stap is.
Er zijn de afgelopen maanden vele wonderen gebeurd.
· Het eerste semester gaf ik twee cursussen met totaal 10 studenten, dit semester biedt nieuwe Zendingsinstituut 6 cursussen aan waar 90 studenten zich voor hebben opgegeven.
· Dank voor alle giften die het mogelijk maken om deze programma’s aan te bieden. Bidt voor meer stabiele partners voor het Zendingsinstituut en de universiteit.
· Dankbaar ben ik voor Szerena en Dóra, met wie ik samen 2 cursussen geef, en voor Prof. Cephas Omenyo uit Ghana die een modulaire cursus geeft.
· Ondertussen groeit ook ons team. We zaten pasgeleden met z’n vijven om de tafel! Gabi is onze nieuwe bibliothecaresse, Krisztián studentenassistent, Szerena AIO, Margit part-time buromedewerkster, en Mineke business manager, PR medewerker, etc. op afstand. Bidt voor een full-time persoonlijke assistent.
· Het Local Committee voor de wereldwijde IAMS missiologen conferentie (16-23 augustus, 2008) is enthousiast bezig.
In een eerder Kool Nieuws maakte ik melding van mijn a.s. oratie. Wegens omstandigheden is dat tot nader datum verschoven.
In Christus verbonden,
Anne-Marie Kool
Monday, December 17, 2007
Kool Nieuws van de Károli -- 5
Budapest, 17 december 2007.
Aan de Herv. Gemeenten te
Houten en te Oud-Alblas
Beste vrienden en familie!
Van gasten kun je veel leren! Gasten helpen je je situatie met nieuwe ogen te zien. Regelmatig heb ik mensen te gast, vooral ook uit Nederland. In dit Kool Nieuws heb ik enkele van hen gevraagd hun impressies weer te geven.
Impressies uit Budapest (1)
“Kool Nieuws (en de eerdere Levenstekens uit Hongarije) is sinds jaren voor velen een bron van informatie over de ontwikkelingen in Midden en Oost Europa en het werk in zending en evangelisatie in deze regio. De inhoud van de nieuwsberichten maakt ook zichtbaar welke bijzondere bijdrage Anne-Marie Kool hieraan levert. Ik kan dat rustig hier opschrijven. Ze heeft mij gevraagd om wat impressies te geven voor haar nieuwsbrief en ik doe dat dan ook op mijn manier. Sinds twee jaar ben ik als vrijwilliger bij het werk van Anne-Marie betrokken, heb haar en haar werk leren kennen. De regio is mij sinds het begin van de 90-er jaren meer en meer vertrouwd geworden door diverse actitiviteiten vooral op het terrein van de zorg voor mensen met een beperking.
Hoogleraar missiologie in een post communistische regio met alles wat je maar bedenken kunt: weinig geloof in niets en niemand dat kreeg je in een communistische opvoeding mee. Doen wat je belooft en zeggen wat je denkt: nou nee , je weet maar nooit. En toch... er zijn mensen die de uitdaging aannemen. Die geloven in mogelijkheden, omdat zij erop vertrouwen dat God hen helpt ondanks alle mistroostigheid. Mistroostig zo zag het hier de afgelopen week uit: grijs en grauw.
En vanmorgen scheen op eens de zon, een blauwe lucht en een frisse wind. Als een symbool van al die kleine en grote vonkjes die je kunt zien. In de ogen van de studenten met wie Anne-Marie bezig is en die leren de opdracht van de Bijbelse boodschap in de huidge samenleving te verstaan. Bij sommige kollega’s, die tijdens een korte ontmoeting snel even iets vertellen van hun werk. En op zondag in de kerk: voorstellen van nieuwe gemeenteleden uit de afgelopen periode. Een indrukwekkend moment, een adventszondag en dan ruim 25 mensen die voor het eerst actief betrokken willen zijn bij de gemeente. En niet te vergeten de kinderen die dit jaar geboren zijn nog een keer allemaal er bij. Groei van een gemeente dankzij een niet aflatende inzet van de predikanten en de vele actieve vrijwilligers. En dan in zo’n wijk met heel veel hoogbouw. Meer dan 30.000 bewoners en een gemeente met een geweldige uitstraling. Veel om te leren.
Leren, dat doe je als je met Anne-Marie mag werken. Docent in hart en nieren, er is zo veel te leren zo lijkt ze voortdurend uit te stralen. Niet als doel op zich, maar om je in te zetten voor de Goede Zaak. Inspiratie dat krijg je er van, dat zie ik bij de studenten en bij een aantal kollega’s. Mistroostig, soms ook, maar zoek dan de troost maar daar waar je het beste vinden kunt in: in de Bijbel.
In het Hongaars, Engels, Duits, Frans en Nederlands kom je ze tegen. Op kantoor, thuis: de Bijbel als onuitputtelijke bron van inspiratie.
Budapest is een Westerse stad geworden. Alles is te koop, er zijn meer grote supermarkten in en rond de stad dan in Nederland. Er wordt op allerlei manieren reklame gemaakt voor alle producten van deze wereld. En ergens in een gebouw op het Calvijnplein wordt stap voor stap gewerkt aan een heel andere dimensies van het mens zijn.”
(Mineke Hardeman, Budapest 13 december 2007)
(Oud-)studenten vertellen...
Regelmatig loop ik oud-studenten tegen het lijf. Afgelopen week ontmoette ik Angelika. In 1995 en de jaren daarna volgde ze colleges missiologie. Samen met haar man heeft ze enkele jaren zendingswerk in India gedaan. Nu coördineren ze het werk van een international zendingsorganisatie in Hongarije. Ook Janet was er, die vorig jaar haar postdoctorale opleiding afsloot. Via een stage in het kader van haar studie was ze in contact gekomen met enkele meisjes uit Mongolië die in Hongarije wonen. Ondertussen is er een Mongoolse gemeente ontstaan en is er een verlangen gegroeid bij enkele jongeren om zelf als zendingswerker uitgezonden te worden (zie verslag van Henk Massink). Het is geweldig te zien hoe Janet hen als een mentor helpt. Er is een enorme behoefte aan toerusting en training. Ook is Janet betrokken bij het college communicatie in andere culturen aan de Károli. Emőke kwam ik in Princeton tegen. Afkomstig uit Servië, studeerde ze in Pápa en liep stage o.a. in Rotterdam. Daar werd ze uitgedaagd uit haar “Hongaarse” wereld te stappen, en realiseerde ze wat een verrijking dat is. Nu is ze in Princeton betrokken bij het bureau internationale zaken van het Seminarie, verantwoordelijk voor het versterken van de contacten met Amerikaanse en buitenlandse studenten. Een andere student uit Pápa, Krisztián, komt iedere week een dag vrijwilligerswerk doen in het zendingsinstituut. Nóra, ook uit Papa, is aktief betrokken bij een netwerk voor predikanten aktief in stadszending. Gábor was op uitnodiging van László betrokken bij een vakantiebijbelclub in zijn gemeente, met kinderen uit een achterstandswijk. Beiden sloten in juni hun postdoctorale programma af. Met kerst is er een vervolg. In september was ik op bezoek in de gemeente van Szerena, die deelneemt aan het PhD programma, bij het in gebruik nemen van de opgeknapte pastorie. Drie weken lang had iedereen de handen uit de mouwen gestoken, en waren kosten nog moeiten gespaard. “Ze waardeert wat we doen, daarom werken we zo graag mee”. De gemeente is de afgelopen jaren heel sterk gegroeid. “Er is grote verbazing in het dorp dat er zoveel verschillende mensen bij de gemeente horen.” 1 Kor. 12 in praktijk!
Van zaterdagmorgen 1 december tot dinsdagmorgen 4 december was een ouderling uit de Sion gemeente in Houten te gast in Boedapest. Ook hij komt al sinds het begin van de 90-er jaren in Hongarije.
Impressies uit Budapest (2)
„Het was goed om op deze manier de banden weer eens aan te halen. Miklos en Toncy Nagy boden mij in hun flat in de wijk Gazdagrét een gastvrij onthaal. Zij zijn ook in onze gemeente op bezoek geweest in 2005. Hun woning bevindt zich op ongeveer 200 meter van de Gazdagrét-kerk. Met hen had ik opnieuw gesprekken tot diep in de nacht over de Hongaarse maatschappelijke en politieke situatie. Het werd me weer eens duidelijk hoe sterk de communistische naweeën nog zijn en hoe kwalijk die invloeden zijn voor een samenleving. De socialistische regering (onder leiding van een oud-communist) doodt iedere vorm van maatschappelijke creativiteit en verantwoordelijkheid.
Gazdagrét gemeente
Zondagmorgen vulde de kerk van de Gazdagrét-gemeente zich spoedig geheel. Het is opvallend hoe grote groepen mensen uit de omgeving zich via de Alpha-cursus bij de gemeente voegen. Het zal er mee te maken hebben dat de gemeenteleden zich zeer gastvrij opstellen voor de mensen uit de buurt. Andras Lovas, de predikant, zocht in zijn preek ook nadrukkelijk aansluiting bij de situatie waarin de mensen zich bevinden: de drukke tijd voor Kerst waarin er van de gemiddelde Hongaar veel verwacht wordt. Dat gebeurde zonder dat aan de tekst tekort werd gedaan. Het was een eerste preek over een aantal Psalmen. Nu stond Psalm 13 centraal. Dit is een klaagpsalm. Ds. Lovas liet zien dat de klacht hoort bij een bijbels geloofsleven. Maar de klacht gaat gaandeweg over in gebed en in geloofsvertrouwen. Aansluitend vierde de gemeente het Heilig Avondmaal.
Mongoolse dienst
Zondagmiddag bezocht ik met Anne- Marie een kleine Mongoolse gemeente. Janet, een van de oud-studenten van Anne-Marie had ons uitgenodigd. Zij is nauw betrokken bij het ontstaan van deze gemeente. Niet in de rijkste buurt van Boedapest. De dienst zou om 17.00 uur beginnen maar tegen die tijd stonden we wel in de kou voor een dichte deur. Dat veranderde echter snel. Even na vijven kwamen er een aantal mensen aanlopen met een onmiskenbaar Aziatisch uiterlijk. Praten ging niet zo goed, maar al snel groeide het gezelschap en kwam er iemand met een sleutel. De ontvangst was allerhartelijkst. Met frisdrank en koek werden we welkom geheten.
Het werd een bijzondere dienst die zo’n tweeënhalf uur zou duren. Wie klaagt er dan nog over een dienst van anderhalf uur? De gemeente nam afscheid van twee in Duitsland wonende koreaanse evangelist-predikanten die de afgelopen tien dagen een evangelisatie aktie hadden geleid. De oudste van hen preekte nu niet, maar zong een lied waarin je de Mongoolse steppewinden kon horen huilen. Daarna nam de andere Koreaanse predikant in het mongools. Sinds de jaren 80 zijn er namelijk nogal wat Mongoolse vrouwen als naaisters in Boedapest aan de slag gegaan [in 1994 had ik kontakt met Munhjin, die in de Pasaret gemeente tot geloof kwam, amk]. Nu waren er uiteindelijk zo’n veertig mensen in de dienst aanwezig, de overgrote meerderheid vrouwen.
Het woord was als een tweesnijdend scherp zwaard. In de preek kwam uitgebreid Openbaring 21 vers 8 aan de orde zeven soorten zonden staan genoemd. Een ieder die één van deze zonden doet, komt ‘in de poel die brandt van vuur en sulfer’. Tijdens deze dienst vroeg de voorganger aan de gemeenteleden – terwijl iedereen zijn ogen dichthield - hun hand op te steken als ze zich schuldig wisten aan één van deze zonden. Het was een ernstig woord waarin het geweten werd geraakt. Daar bleef het niet bij. De predikant prees het bloed van Christus aan als weg tot behoud en overwinning. Daarbij gaf hij voorbeelden van het krachtige werk van Gods Geest in het hart van heidense (Mongoolse) priesters. De gemeente gaf duidelijk uiting aan haar blijdschap over deze grote genade.
Deze dienst leek ook een soort institueringsdienst. Verschillende gemeenteleden kregen een taak toegewezen. Zij kwamen naar voren en kregen een zegen mee. Daarna nam een ieder met een stevige omhelzing afscheid van de twee koreaanse gastvoorgangers en werden wij als bijzondere gasten toegezongen. Het was allemaal bijzonder indrukwekkend en aangrijpend in de goede zin van het Woord.
Missiologisch Instituut en Karoli Universiteit
Tijdens dit bezoek wilde ik me graag ter plekke op de hoogte stellen van de nieuwe situatie waarin Anne Marie werkt. Maandagmiddag ben ik even op het Missiologisch Instituut geweest aan het Calvijnplein. Dit Instituut is dan nu onderdeel van de Karoli Universiteit en valt niet direct meer onder een bestuur dat verantwoording schuldig is aan de synode van de Hongaars-Hervormde Kerk. ’s Middags mocht ik aan die universiteit meemaken hoe Bernard Kaiser, een Duitser die dogmatiek geeft aan de Theologische opleiding van de Hongaars-Gereformeerde Kerk in Komarno (Slowakije) zijn hoogleraarsbevoegdheid aan de universiteit verkreeg. Wij kennen dat niet, maar in Duitsland en ook in Hongarije moet je een ‘Habilitationsschrift’ verdedigen om hoogleraar te kunnen worden.
Dr. Kaiser slaagde met glans. Hij wist zijn boek over de wijze waarop God Zich openbaart (Fundamentaltheologie, Band I) tot tevredenheid van het gezelschap van hoogleraren te verdedigen. Daarna moest hij als proeve van bekwaamheid twee korte lezingen geven. Ook dat kostte hem niet al te veel moeite. Onder het genot van een kopje koffie en een stevig stuk Hongaars gebak heeft Anne Marie hem nog een aantal tips gegeven om te slagen als docent in een Hongaarse omgeving. Al met al was het uiterst boeiend om deze hoffelijke Duitser en zijn vrouw te ontmoeten. Hij wil volgend jaar ook graag eens naar Nederland komen om te kijken hoe hij hier zijn netwerk kan uitbreiden.”
(H.F. Massink)
Tenslotte
Van harte wil ik jullie allen heel hartelijk danken voor het gastvrije onthaal tijdens mijn verloftijd en heel veel zegen voor het nieuwe jaar.
In Christus verbonden,
Anne-Marie Kool
Aan de Herv. Gemeenten te
Houten en te Oud-Alblas
Beste vrienden en familie!
Van gasten kun je veel leren! Gasten helpen je je situatie met nieuwe ogen te zien. Regelmatig heb ik mensen te gast, vooral ook uit Nederland. In dit Kool Nieuws heb ik enkele van hen gevraagd hun impressies weer te geven.
Impressies uit Budapest (1)
“Kool Nieuws (en de eerdere Levenstekens uit Hongarije) is sinds jaren voor velen een bron van informatie over de ontwikkelingen in Midden en Oost Europa en het werk in zending en evangelisatie in deze regio. De inhoud van de nieuwsberichten maakt ook zichtbaar welke bijzondere bijdrage Anne-Marie Kool hieraan levert. Ik kan dat rustig hier opschrijven. Ze heeft mij gevraagd om wat impressies te geven voor haar nieuwsbrief en ik doe dat dan ook op mijn manier. Sinds twee jaar ben ik als vrijwilliger bij het werk van Anne-Marie betrokken, heb haar en haar werk leren kennen. De regio is mij sinds het begin van de 90-er jaren meer en meer vertrouwd geworden door diverse actitiviteiten vooral op het terrein van de zorg voor mensen met een beperking.
Hoogleraar missiologie in een post communistische regio met alles wat je maar bedenken kunt: weinig geloof in niets en niemand dat kreeg je in een communistische opvoeding mee. Doen wat je belooft en zeggen wat je denkt: nou nee , je weet maar nooit. En toch... er zijn mensen die de uitdaging aannemen. Die geloven in mogelijkheden, omdat zij erop vertrouwen dat God hen helpt ondanks alle mistroostigheid. Mistroostig zo zag het hier de afgelopen week uit: grijs en grauw.
En vanmorgen scheen op eens de zon, een blauwe lucht en een frisse wind. Als een symbool van al die kleine en grote vonkjes die je kunt zien. In de ogen van de studenten met wie Anne-Marie bezig is en die leren de opdracht van de Bijbelse boodschap in de huidge samenleving te verstaan. Bij sommige kollega’s, die tijdens een korte ontmoeting snel even iets vertellen van hun werk. En op zondag in de kerk: voorstellen van nieuwe gemeenteleden uit de afgelopen periode. Een indrukwekkend moment, een adventszondag en dan ruim 25 mensen die voor het eerst actief betrokken willen zijn bij de gemeente. En niet te vergeten de kinderen die dit jaar geboren zijn nog een keer allemaal er bij. Groei van een gemeente dankzij een niet aflatende inzet van de predikanten en de vele actieve vrijwilligers. En dan in zo’n wijk met heel veel hoogbouw. Meer dan 30.000 bewoners en een gemeente met een geweldige uitstraling. Veel om te leren.
Leren, dat doe je als je met Anne-Marie mag werken. Docent in hart en nieren, er is zo veel te leren zo lijkt ze voortdurend uit te stralen. Niet als doel op zich, maar om je in te zetten voor de Goede Zaak. Inspiratie dat krijg je er van, dat zie ik bij de studenten en bij een aantal kollega’s. Mistroostig, soms ook, maar zoek dan de troost maar daar waar je het beste vinden kunt in: in de Bijbel.
In het Hongaars, Engels, Duits, Frans en Nederlands kom je ze tegen. Op kantoor, thuis: de Bijbel als onuitputtelijke bron van inspiratie.
Budapest is een Westerse stad geworden. Alles is te koop, er zijn meer grote supermarkten in en rond de stad dan in Nederland. Er wordt op allerlei manieren reklame gemaakt voor alle producten van deze wereld. En ergens in een gebouw op het Calvijnplein wordt stap voor stap gewerkt aan een heel andere dimensies van het mens zijn.”
(Mineke Hardeman, Budapest 13 december 2007)
(Oud-)studenten vertellen...
Regelmatig loop ik oud-studenten tegen het lijf. Afgelopen week ontmoette ik Angelika. In 1995 en de jaren daarna volgde ze colleges missiologie. Samen met haar man heeft ze enkele jaren zendingswerk in India gedaan. Nu coördineren ze het werk van een international zendingsorganisatie in Hongarije. Ook Janet was er, die vorig jaar haar postdoctorale opleiding afsloot. Via een stage in het kader van haar studie was ze in contact gekomen met enkele meisjes uit Mongolië die in Hongarije wonen. Ondertussen is er een Mongoolse gemeente ontstaan en is er een verlangen gegroeid bij enkele jongeren om zelf als zendingswerker uitgezonden te worden (zie verslag van Henk Massink). Het is geweldig te zien hoe Janet hen als een mentor helpt. Er is een enorme behoefte aan toerusting en training. Ook is Janet betrokken bij het college communicatie in andere culturen aan de Károli. Emőke kwam ik in Princeton tegen. Afkomstig uit Servië, studeerde ze in Pápa en liep stage o.a. in Rotterdam. Daar werd ze uitgedaagd uit haar “Hongaarse” wereld te stappen, en realiseerde ze wat een verrijking dat is. Nu is ze in Princeton betrokken bij het bureau internationale zaken van het Seminarie, verantwoordelijk voor het versterken van de contacten met Amerikaanse en buitenlandse studenten. Een andere student uit Pápa, Krisztián, komt iedere week een dag vrijwilligerswerk doen in het zendingsinstituut. Nóra, ook uit Papa, is aktief betrokken bij een netwerk voor predikanten aktief in stadszending. Gábor was op uitnodiging van László betrokken bij een vakantiebijbelclub in zijn gemeente, met kinderen uit een achterstandswijk. Beiden sloten in juni hun postdoctorale programma af. Met kerst is er een vervolg. In september was ik op bezoek in de gemeente van Szerena, die deelneemt aan het PhD programma, bij het in gebruik nemen van de opgeknapte pastorie. Drie weken lang had iedereen de handen uit de mouwen gestoken, en waren kosten nog moeiten gespaard. “Ze waardeert wat we doen, daarom werken we zo graag mee”. De gemeente is de afgelopen jaren heel sterk gegroeid. “Er is grote verbazing in het dorp dat er zoveel verschillende mensen bij de gemeente horen.” 1 Kor. 12 in praktijk!
Van zaterdagmorgen 1 december tot dinsdagmorgen 4 december was een ouderling uit de Sion gemeente in Houten te gast in Boedapest. Ook hij komt al sinds het begin van de 90-er jaren in Hongarije.
Impressies uit Budapest (2)
„Het was goed om op deze manier de banden weer eens aan te halen. Miklos en Toncy Nagy boden mij in hun flat in de wijk Gazdagrét een gastvrij onthaal. Zij zijn ook in onze gemeente op bezoek geweest in 2005. Hun woning bevindt zich op ongeveer 200 meter van de Gazdagrét-kerk. Met hen had ik opnieuw gesprekken tot diep in de nacht over de Hongaarse maatschappelijke en politieke situatie. Het werd me weer eens duidelijk hoe sterk de communistische naweeën nog zijn en hoe kwalijk die invloeden zijn voor een samenleving. De socialistische regering (onder leiding van een oud-communist) doodt iedere vorm van maatschappelijke creativiteit en verantwoordelijkheid.
Gazdagrét gemeente
Zondagmorgen vulde de kerk van de Gazdagrét-gemeente zich spoedig geheel. Het is opvallend hoe grote groepen mensen uit de omgeving zich via de Alpha-cursus bij de gemeente voegen. Het zal er mee te maken hebben dat de gemeenteleden zich zeer gastvrij opstellen voor de mensen uit de buurt. Andras Lovas, de predikant, zocht in zijn preek ook nadrukkelijk aansluiting bij de situatie waarin de mensen zich bevinden: de drukke tijd voor Kerst waarin er van de gemiddelde Hongaar veel verwacht wordt. Dat gebeurde zonder dat aan de tekst tekort werd gedaan. Het was een eerste preek over een aantal Psalmen. Nu stond Psalm 13 centraal. Dit is een klaagpsalm. Ds. Lovas liet zien dat de klacht hoort bij een bijbels geloofsleven. Maar de klacht gaat gaandeweg over in gebed en in geloofsvertrouwen. Aansluitend vierde de gemeente het Heilig Avondmaal.
Mongoolse dienst
Zondagmiddag bezocht ik met Anne- Marie een kleine Mongoolse gemeente. Janet, een van de oud-studenten van Anne-Marie had ons uitgenodigd. Zij is nauw betrokken bij het ontstaan van deze gemeente. Niet in de rijkste buurt van Boedapest. De dienst zou om 17.00 uur beginnen maar tegen die tijd stonden we wel in de kou voor een dichte deur. Dat veranderde echter snel. Even na vijven kwamen er een aantal mensen aanlopen met een onmiskenbaar Aziatisch uiterlijk. Praten ging niet zo goed, maar al snel groeide het gezelschap en kwam er iemand met een sleutel. De ontvangst was allerhartelijkst. Met frisdrank en koek werden we welkom geheten.
Het werd een bijzondere dienst die zo’n tweeënhalf uur zou duren. Wie klaagt er dan nog over een dienst van anderhalf uur? De gemeente nam afscheid van twee in Duitsland wonende koreaanse evangelist-predikanten die de afgelopen tien dagen een evangelisatie aktie hadden geleid. De oudste van hen preekte nu niet, maar zong een lied waarin je de Mongoolse steppewinden kon horen huilen. Daarna nam de andere Koreaanse predikant in het mongools. Sinds de jaren 80 zijn er namelijk nogal wat Mongoolse vrouwen als naaisters in Boedapest aan de slag gegaan [in 1994 had ik kontakt met Munhjin, die in de Pasaret gemeente tot geloof kwam, amk]. Nu waren er uiteindelijk zo’n veertig mensen in de dienst aanwezig, de overgrote meerderheid vrouwen.
Het woord was als een tweesnijdend scherp zwaard. In de preek kwam uitgebreid Openbaring 21 vers 8 aan de orde zeven soorten zonden staan genoemd. Een ieder die één van deze zonden doet, komt ‘in de poel die brandt van vuur en sulfer’. Tijdens deze dienst vroeg de voorganger aan de gemeenteleden – terwijl iedereen zijn ogen dichthield - hun hand op te steken als ze zich schuldig wisten aan één van deze zonden. Het was een ernstig woord waarin het geweten werd geraakt. Daar bleef het niet bij. De predikant prees het bloed van Christus aan als weg tot behoud en overwinning. Daarbij gaf hij voorbeelden van het krachtige werk van Gods Geest in het hart van heidense (Mongoolse) priesters. De gemeente gaf duidelijk uiting aan haar blijdschap over deze grote genade.
Deze dienst leek ook een soort institueringsdienst. Verschillende gemeenteleden kregen een taak toegewezen. Zij kwamen naar voren en kregen een zegen mee. Daarna nam een ieder met een stevige omhelzing afscheid van de twee koreaanse gastvoorgangers en werden wij als bijzondere gasten toegezongen. Het was allemaal bijzonder indrukwekkend en aangrijpend in de goede zin van het Woord.
Missiologisch Instituut en Karoli Universiteit
Tijdens dit bezoek wilde ik me graag ter plekke op de hoogte stellen van de nieuwe situatie waarin Anne Marie werkt. Maandagmiddag ben ik even op het Missiologisch Instituut geweest aan het Calvijnplein. Dit Instituut is dan nu onderdeel van de Karoli Universiteit en valt niet direct meer onder een bestuur dat verantwoording schuldig is aan de synode van de Hongaars-Hervormde Kerk. ’s Middags mocht ik aan die universiteit meemaken hoe Bernard Kaiser, een Duitser die dogmatiek geeft aan de Theologische opleiding van de Hongaars-Gereformeerde Kerk in Komarno (Slowakije) zijn hoogleraarsbevoegdheid aan de universiteit verkreeg. Wij kennen dat niet, maar in Duitsland en ook in Hongarije moet je een ‘Habilitationsschrift’ verdedigen om hoogleraar te kunnen worden.
Dr. Kaiser slaagde met glans. Hij wist zijn boek over de wijze waarop God Zich openbaart (Fundamentaltheologie, Band I) tot tevredenheid van het gezelschap van hoogleraren te verdedigen. Daarna moest hij als proeve van bekwaamheid twee korte lezingen geven. Ook dat kostte hem niet al te veel moeite. Onder het genot van een kopje koffie en een stevig stuk Hongaars gebak heeft Anne Marie hem nog een aantal tips gegeven om te slagen als docent in een Hongaarse omgeving. Al met al was het uiterst boeiend om deze hoffelijke Duitser en zijn vrouw te ontmoeten. Hij wil volgend jaar ook graag eens naar Nederland komen om te kijken hoe hij hier zijn netwerk kan uitbreiden.”
(H.F. Massink)
Tenslotte
Van harte wil ik jullie allen heel hartelijk danken voor het gastvrije onthaal tijdens mijn verloftijd en heel veel zegen voor het nieuwe jaar.
In Christus verbonden,
Anne-Marie Kool
Saturday, November 17, 2007
Kool Nieuws van de Károli -- 4
Budapest, 17 november 2007.
Aan de Herv. Gemeenten te
Houten en te Oud-Alblas
Beste vrienden en familie!
Ter afsluiting van mijn laatste lezing in Princeton liet ik een afbeelding zien van het schilderij van Rembrandt van de verloren zoon. Een Ghanese predikant, Attah, die alle lezingen over zending in Midden- en Oosteuropa had bijgewoond stelde een indringende vraag: “Ik krijg de indruk dat er vele verloren zonen en dochters in dit gebied zijn. In hoeverre zijn de kerken in staat om ze te helpen de weg terug te vinden naar de Vader?” In mijn antwoord riep ik de kerken van Afrika op om hun zendingswerk in Europa serieus te nemen, en kerken in Europa te laten delen in hun geestkracht en geestelijke vitaliteit. Vaak heb ik teruggedacht aan deze indringende vraag.
Toenemende openheid (1)
Na de kerkdienst van vorige week zondag kwamen Orsolya en Zoltán op de koffie. Ze waren verbaasd van wat ze zojuist hadden meegemaakt. “Mensen spraken ons aan, en waren in ons geintereseerd. Zoiets hebben we nog nooit meegemaakt. In de preek ging het over ons. En wat een mooie liederen! We komen zeker weer!” Ze waren er voor het eerst. Orsolya had de laatste jaren van haar middelbare schooltijd in Amerika doorgebracht en was daar in het gastgezin tot geloof gekomen. Via een gezamenlijke vriendin uit Grand Rapids was ik met hen in kontakt gekomen. Ze waren beiden opgegroeid in wat ze noemden in een typisch hongaars gezin met overmatig drankgebruik en scheiding. Zoltán was al enige tijd vol interesse de bijbel aan het lezen. In september trok een grote maaltijd in de kerk voor geinteresseerden uit de wijk meer dan 85 mensen. Bijna de helft neemt nu deel aan de Alpha cursus. De voorafgaande weken kwam het thema gastvrijheid en openheid expliciet aan de orde in de preek: “Wij wijzen vaak mensen af die anderszijn, maar de Here accepteert hen. Daarom zijn wij ook daartoe geroepen.” Het valt me op dat de openheid voor het Evangelie de afgelopen tijd sterk is gegroeid.
Enkele weken geleden had ik een heel open gesprek met een gepensioneerde joodse hoogleraar, Gyöngyi, die haar hele leven bewust als atheiste geleefd had. Via mijn vrienden Gabor en Kati had ik haar vorig jaar kerst voor het eerst ontmoet. Ze had te horen gekregen ongeneeselijk ziek te zijn en, bang om te sterven, had Kati gevraagd of ik eens langs wilde komen. Ze was erg op zoek. Er was openheid om uit de bijbel te lezen en samen te bidden.
Openheid in de universiteit (2)
Eenzelfde openheid merk ik sterk bij studenten en kollega’s van de Karoli universiteit. Zo’n 25% zijn min of meer kerkelijk meelevend, in die zin weerspiegelt de universiteit de situatie in kerk en maatschappij in Hongarije. Via een centraal landelijk aanmeldingssysteem worden de studenten toegelaten, er kunnen dus geen aparte eisen gesteld worden aan hun christelijke identiteit of kerkelijke afkomst. Aangezien de kollegeruimtes van het Zendingsinstituut nu ook intensief gebruikt worden door studenten van andere faculteiten, zijn er vele spontane ontmoetingen en gesprekken. Pas raakte ik in gesprek met János Wimmer, een student geschiedenis. “Weet je dat je dezelfde naam hebt als een predikant die in de 19e eeuw heel aktief was in het zendingswerk?” Hij zou graag een college zendingsgeschiedenis volgen. Net als destijds in 1987 raak ik zo weer betrokken bij het evangelisatiewerk onder studenten.
Open deuren
De afgelopen maanden is een ware ontdekkingstocht geweest uit te vinden wat zijn de konkrete mogelijkheden zijn om binnen de verschillende faculteiten kolleges te gaan geven. Waar ligt de interesse van de studenten? Met wie is er samen te werken? Een ding is duidelijk: er zijn meer open deuren dan ik had gedacht: niet alleen voor het geven van kollege’s aan de Faculteit Godgeleerdheid, maar ook aan de Letterenfaculteit, aan de vakgroepen Nederlands en Engels, en aan de vakgroep Godsdienstwetenschap.
Ontmoetingsplaats
Vooral de bibliotheek lijkt een prominente rol te kunnen vervullen niet alleen als studieruimte, maar vooral ook als informele ontmoetingsplaats. We hopen daartoe de keukenruimte om te toveren tot een gezellig koffiehoekje. Helpt u mee dit te verwerkelijken door ondersteuning van het werk van het CIMS?
Toekomstvisie?!
Het Calvijn plein lijkt in veel opzichten de kerkelijke en politieke situatie van dit moment te weerspiegelen. De werkzaamheden voor de bouw van de 4de metrolijn blokkeren een vlotte doorstroom van het verkeer door de binnenstad. Het is een diepe, lawaaierige werkput, die goede communicatie bemoeilijkt. Het valt niet mee er je weg te vinden. Volgens berichten duurt dit nog zeker twee jaar... Er is een groot geloof en veel visie voor nodig je te kunnen voorstellen dat er in 2011 werkelijk een 4de metrolijn zal lopen die de vervoersproblemen zal oplossen (http://www.metro4.hu/milyenlesz.php).
Het gebrek aan toekomstvisie lijkt de hele maatschappij te verlammen. Er heerst een sfeer van apathie, moedeloosheid en hopeloosheid. Prijzen stijgen, de inflatie neemt toe, het nivo van de gezondheidszorg zakt schrikbarend. Het lijkt soms wel of de onderlinge communicatie kanalen totaal zijn dichtgeslibt door een diep gevoel van onderling wantrouwen. Heel recent werden we in de kerk opgeschrikt door twee schrijnende gevallen van zelfdoding door twee jonge predikanten. Een andere jonge predikant liet zijn vrouw en vier kinderen in de steek.
Ook hoor je in toenemende mate geluiden dat de enige weg voor Hongarije uit deze malaise is het versterken van en het je terugtrekken op de eigen Hongaarse cultuur. Vorige week verwoordde een student het als: “wij leren van jongsaf dat we moeten neerzien op omliggende volken, dat zij tweederangs zijn, en dat onze Hongaarse cultuur onaantastbaar is. Nu ontdek ik door dit college dat God alle volkeren liefheeft, en dat het niet juist is zo uitsluitend op onze eigen cultuur gericht te zijn. We kunnen en moeten ook open zijn voor anderen.” Het viel de afgelopen week op een zendingsconferentie voor Midden- en Oosteuropa op dat in vergelijking tot de omliggende landen de Hongaarse kerken veel minder een visie hebben voor zending onder andere culturen en ook veel minder aktiviteiten ontplooien. Er is een diepe weerstand, ook in de kerken, om open te zijn voor de Roma, dat bleek ook recentelijk weer in voorbereiding op de wereldconferentie voor missiologen die in Augustus in Hongarije wordt gehouden.
Tijdens een weekopening hield de rector van de universiteit, Dr. Ferenc Szűcs ons voor dat de enige uitweg in deze chaotische en verwarrende tijd, met vele problemen en conflicten is: „Geen paniek, Jezus leeft!” Het lijkt er inderdaad op dat deze moeilijke situatie mensen dwingt om over vragen van geloof na te denken. Maar de vraag van Attah, in hoeverre zijn de kerken in staat om ze te helpen de weg terug te vinden naar de Vader, komt vaak in me boven. Meer en meer blijkt, dat vragen waar Hongarije mee worstelt ook in andere landen voorkomen, m.n. de vraag hoe een waardering en respect voor eigen cultuur te combineren met een openheid en waardering voor andere culturen.
(Oud-)studenten vertellen...
Regelmatig loop ik oud-studenten tegen het lijf. Afgelopen week ontmoette ik Angelika. In 1995 en de jaren daarna volgde ze colleges missiologie. Samen met haar man heeft ze enkele jaren zendingswerk in India gedaan. Nu coordineren ze het werk van een international zendingsorganisatie in Hongarije. Ook Janet was er, die vorig jaar haar postdoktorale opleiding afsloot. Via een stage in het kader van haar studie was ze in contact gekomen met enkele meisjes uit Mongolie die in Hongarije wonen. Ondertussen is er een Mongoolse gemeente ontstaan en is er een verlangen gegroeid bij enkele jongeren om zelf als zendingswerker uitgezonden te worden. Het is geweldig te zien hoe Janet hen als een mentor helpt. Er is een enorme behoefte aan toerusting en training. Ook is Janet betrokken bij het college communicatie in andere culturen aan de Károli. Emőke kwam ik in Princeton tegen. Afkomstig uit Servie, studeerde ze in Pápa en liep stage o.a. in Rotterdam. Daar werd ze uitgedaagd uit haar “Hongaarse” wereld te stappen, en realiseerde ze wat een verrijking dat is. Nu is ze in Princeton betrokken bij het bureau internationale zaken van het Seminarie, verantwoordelijk voor het versterken van de contacten met amerikaanse en buitenlandse studenten. Een andere student uit Pápa, Krisztián, komt iedere week een dag vrijwilligerswerk doen in het zendingsinstituut. Nóra, ook uit Papa, is aktief betrokken bij een netwerk voor predikanten aktief in stadszending. Gábor was op uitnodiging van László betrokken bij een vakantiebijbelclub in zijn gemeente, met kinderen uit een achterstandswijk. Beiden sloten in juni hun postdoktorale programma af. Met kerst is er een vervolg. In september was ik op bezoek in de gemeente van Szerena, die deelneemt aan het PhD programma, bij het in gebruik nemen van de opgeknapte pastorie. Drie weken lang had iedereen de handen uit de mouwen gestoken, en waren kosten nog moeiten gespaart. “Ze waardeert wat we doen, daarom werken we zo graag mee”. De gemeente is de afgelopen jaren heel sterk gegroeid. “Er is grote verbazing in het dorp dat er zoveel verschillende mensen bij de gemeente horen.” 1 Kor. 12 in praktijk!
Fundamenten leggen...
De afgelopen maanden lag het accent van mijn werk, naast het college geven en begeleiden vooral op het voorwaarden scheppend bezig zijn. Het fotokopieerapparaat heeft het na 14 jaar trouwe dienst begeven (5000 USD). Verder is het computernetwerk is aan een update en uitbreiding toe, door een intensiever gebruik van de bibliotheek (3500 USD). Ook het inrichten van de coffee corner vereist een investering (Totaal 2500 USD). Dit is wat dit jaar nog nodig is.
Zoals jullie weten is de bijdrage van de universiteit aan het instituut zeer beperkt, en zijn we vooral op externe financiele bronnen aangewezen. We zijn bezig met het opzetten van programma’s die duurzaam zijn, zoals het Master of Theology programma in samenwerking met de Universiteit van Zuid-Afrika. Ook kortere cursussen en programma’s staan op stapel, gericht op de missionaire toerusting van de gemeente en de training van zendingswerkers. Vooral de training van de trainers is nodig! Er is een fonds opgericht, waaruit studenten studiebeurzen kunnen aan vragen (20000 USD nodig). Ook predikanten uit Midden- en Oosteuropa die voor een studieverlof van enkele weken willen komen kunnen uit dit fonds ondersteuning aanvragen. Wilt u dit fonds ondersteunen?
U begrijpt dat het niet eenvoudig is om lange termijn plannen te maken als je niet weet hoe de financien zich ontwikkelen. Mogen we u daarom vragen om een toezegging te doen met welk bedrag u het instituut het komende jaar wilt ondersteunen?
Uw kerstgift zien we met dankbaarheid tegemoet.
Plannen voor de komende maanden
Naast het afronden van colleges in dit semester en het voorbereiden van het komende semester ben ik intensief betrokken bij drie PhD studenten die de komende maanden hun dissertatie af te ronden: László Gonda, Dorottya Nagy en Randy Robertson.
· 23-25 november 2007: spreken op de conferentie voor predikanten en gemeenten in stadswijken
· 25-29 november 2007: bezoek Prof. Dr. Klippies Kritzinger (Zuid-Afrika) aan de KRE-CIMS (lezingen, onderhandelingen over samenwerking in Master of Theology programma.
· 10-12 december 2007: bezoek aan theol. Opleidingen in Polen en Tsjechie.
· 14 december 2007 – 4 januari 2008: verlof in Nederland.
· 19 – 30 januari 2008: Studiedagen en Bestuursvergadering van de International Association for Mission Studies in Los Angeles, USA.
· 9 febr. 2008: Gemeentencontacten dag (voor info cims@kre.hu)
· 4 maart 2008: Inaugurele rede aan de Károli Ref. Universiteit (info: cims@kre.hu)
Dank voor jullie aller meeleven. Van harte bid ik jullie allen een goede adventstijd toe. En: tot spoedig ziens!
In Christus verbonden,
Anne-Marie Kool
Aan de Herv. Gemeenten te
Houten en te Oud-Alblas
Beste vrienden en familie!
Ter afsluiting van mijn laatste lezing in Princeton liet ik een afbeelding zien van het schilderij van Rembrandt van de verloren zoon. Een Ghanese predikant, Attah, die alle lezingen over zending in Midden- en Oosteuropa had bijgewoond stelde een indringende vraag: “Ik krijg de indruk dat er vele verloren zonen en dochters in dit gebied zijn. In hoeverre zijn de kerken in staat om ze te helpen de weg terug te vinden naar de Vader?” In mijn antwoord riep ik de kerken van Afrika op om hun zendingswerk in Europa serieus te nemen, en kerken in Europa te laten delen in hun geestkracht en geestelijke vitaliteit. Vaak heb ik teruggedacht aan deze indringende vraag.
Toenemende openheid (1)
Na de kerkdienst van vorige week zondag kwamen Orsolya en Zoltán op de koffie. Ze waren verbaasd van wat ze zojuist hadden meegemaakt. “Mensen spraken ons aan, en waren in ons geintereseerd. Zoiets hebben we nog nooit meegemaakt. In de preek ging het over ons. En wat een mooie liederen! We komen zeker weer!” Ze waren er voor het eerst. Orsolya had de laatste jaren van haar middelbare schooltijd in Amerika doorgebracht en was daar in het gastgezin tot geloof gekomen. Via een gezamenlijke vriendin uit Grand Rapids was ik met hen in kontakt gekomen. Ze waren beiden opgegroeid in wat ze noemden in een typisch hongaars gezin met overmatig drankgebruik en scheiding. Zoltán was al enige tijd vol interesse de bijbel aan het lezen. In september trok een grote maaltijd in de kerk voor geinteresseerden uit de wijk meer dan 85 mensen. Bijna de helft neemt nu deel aan de Alpha cursus. De voorafgaande weken kwam het thema gastvrijheid en openheid expliciet aan de orde in de preek: “Wij wijzen vaak mensen af die anderszijn, maar de Here accepteert hen. Daarom zijn wij ook daartoe geroepen.” Het valt me op dat de openheid voor het Evangelie de afgelopen tijd sterk is gegroeid.
Enkele weken geleden had ik een heel open gesprek met een gepensioneerde joodse hoogleraar, Gyöngyi, die haar hele leven bewust als atheiste geleefd had. Via mijn vrienden Gabor en Kati had ik haar vorig jaar kerst voor het eerst ontmoet. Ze had te horen gekregen ongeneeselijk ziek te zijn en, bang om te sterven, had Kati gevraagd of ik eens langs wilde komen. Ze was erg op zoek. Er was openheid om uit de bijbel te lezen en samen te bidden.
Openheid in de universiteit (2)
Eenzelfde openheid merk ik sterk bij studenten en kollega’s van de Karoli universiteit. Zo’n 25% zijn min of meer kerkelijk meelevend, in die zin weerspiegelt de universiteit de situatie in kerk en maatschappij in Hongarije. Via een centraal landelijk aanmeldingssysteem worden de studenten toegelaten, er kunnen dus geen aparte eisen gesteld worden aan hun christelijke identiteit of kerkelijke afkomst. Aangezien de kollegeruimtes van het Zendingsinstituut nu ook intensief gebruikt worden door studenten van andere faculteiten, zijn er vele spontane ontmoetingen en gesprekken. Pas raakte ik in gesprek met János Wimmer, een student geschiedenis. “Weet je dat je dezelfde naam hebt als een predikant die in de 19e eeuw heel aktief was in het zendingswerk?” Hij zou graag een college zendingsgeschiedenis volgen. Net als destijds in 1987 raak ik zo weer betrokken bij het evangelisatiewerk onder studenten.
Open deuren
De afgelopen maanden is een ware ontdekkingstocht geweest uit te vinden wat zijn de konkrete mogelijkheden zijn om binnen de verschillende faculteiten kolleges te gaan geven. Waar ligt de interesse van de studenten? Met wie is er samen te werken? Een ding is duidelijk: er zijn meer open deuren dan ik had gedacht: niet alleen voor het geven van kollege’s aan de Faculteit Godgeleerdheid, maar ook aan de Letterenfaculteit, aan de vakgroepen Nederlands en Engels, en aan de vakgroep Godsdienstwetenschap.
Ontmoetingsplaats
Vooral de bibliotheek lijkt een prominente rol te kunnen vervullen niet alleen als studieruimte, maar vooral ook als informele ontmoetingsplaats. We hopen daartoe de keukenruimte om te toveren tot een gezellig koffiehoekje. Helpt u mee dit te verwerkelijken door ondersteuning van het werk van het CIMS?
Toekomstvisie?!
Het Calvijn plein lijkt in veel opzichten de kerkelijke en politieke situatie van dit moment te weerspiegelen. De werkzaamheden voor de bouw van de 4de metrolijn blokkeren een vlotte doorstroom van het verkeer door de binnenstad. Het is een diepe, lawaaierige werkput, die goede communicatie bemoeilijkt. Het valt niet mee er je weg te vinden. Volgens berichten duurt dit nog zeker twee jaar... Er is een groot geloof en veel visie voor nodig je te kunnen voorstellen dat er in 2011 werkelijk een 4de metrolijn zal lopen die de vervoersproblemen zal oplossen (http://www.metro4.hu/milyenlesz.php).
Het gebrek aan toekomstvisie lijkt de hele maatschappij te verlammen. Er heerst een sfeer van apathie, moedeloosheid en hopeloosheid. Prijzen stijgen, de inflatie neemt toe, het nivo van de gezondheidszorg zakt schrikbarend. Het lijkt soms wel of de onderlinge communicatie kanalen totaal zijn dichtgeslibt door een diep gevoel van onderling wantrouwen. Heel recent werden we in de kerk opgeschrikt door twee schrijnende gevallen van zelfdoding door twee jonge predikanten. Een andere jonge predikant liet zijn vrouw en vier kinderen in de steek.
Ook hoor je in toenemende mate geluiden dat de enige weg voor Hongarije uit deze malaise is het versterken van en het je terugtrekken op de eigen Hongaarse cultuur. Vorige week verwoordde een student het als: “wij leren van jongsaf dat we moeten neerzien op omliggende volken, dat zij tweederangs zijn, en dat onze Hongaarse cultuur onaantastbaar is. Nu ontdek ik door dit college dat God alle volkeren liefheeft, en dat het niet juist is zo uitsluitend op onze eigen cultuur gericht te zijn. We kunnen en moeten ook open zijn voor anderen.” Het viel de afgelopen week op een zendingsconferentie voor Midden- en Oosteuropa op dat in vergelijking tot de omliggende landen de Hongaarse kerken veel minder een visie hebben voor zending onder andere culturen en ook veel minder aktiviteiten ontplooien. Er is een diepe weerstand, ook in de kerken, om open te zijn voor de Roma, dat bleek ook recentelijk weer in voorbereiding op de wereldconferentie voor missiologen die in Augustus in Hongarije wordt gehouden.
Tijdens een weekopening hield de rector van de universiteit, Dr. Ferenc Szűcs ons voor dat de enige uitweg in deze chaotische en verwarrende tijd, met vele problemen en conflicten is: „Geen paniek, Jezus leeft!” Het lijkt er inderdaad op dat deze moeilijke situatie mensen dwingt om over vragen van geloof na te denken. Maar de vraag van Attah, in hoeverre zijn de kerken in staat om ze te helpen de weg terug te vinden naar de Vader, komt vaak in me boven. Meer en meer blijkt, dat vragen waar Hongarije mee worstelt ook in andere landen voorkomen, m.n. de vraag hoe een waardering en respect voor eigen cultuur te combineren met een openheid en waardering voor andere culturen.
(Oud-)studenten vertellen...
Regelmatig loop ik oud-studenten tegen het lijf. Afgelopen week ontmoette ik Angelika. In 1995 en de jaren daarna volgde ze colleges missiologie. Samen met haar man heeft ze enkele jaren zendingswerk in India gedaan. Nu coordineren ze het werk van een international zendingsorganisatie in Hongarije. Ook Janet was er, die vorig jaar haar postdoktorale opleiding afsloot. Via een stage in het kader van haar studie was ze in contact gekomen met enkele meisjes uit Mongolie die in Hongarije wonen. Ondertussen is er een Mongoolse gemeente ontstaan en is er een verlangen gegroeid bij enkele jongeren om zelf als zendingswerker uitgezonden te worden. Het is geweldig te zien hoe Janet hen als een mentor helpt. Er is een enorme behoefte aan toerusting en training. Ook is Janet betrokken bij het college communicatie in andere culturen aan de Károli. Emőke kwam ik in Princeton tegen. Afkomstig uit Servie, studeerde ze in Pápa en liep stage o.a. in Rotterdam. Daar werd ze uitgedaagd uit haar “Hongaarse” wereld te stappen, en realiseerde ze wat een verrijking dat is. Nu is ze in Princeton betrokken bij het bureau internationale zaken van het Seminarie, verantwoordelijk voor het versterken van de contacten met amerikaanse en buitenlandse studenten. Een andere student uit Pápa, Krisztián, komt iedere week een dag vrijwilligerswerk doen in het zendingsinstituut. Nóra, ook uit Papa, is aktief betrokken bij een netwerk voor predikanten aktief in stadszending. Gábor was op uitnodiging van László betrokken bij een vakantiebijbelclub in zijn gemeente, met kinderen uit een achterstandswijk. Beiden sloten in juni hun postdoktorale programma af. Met kerst is er een vervolg. In september was ik op bezoek in de gemeente van Szerena, die deelneemt aan het PhD programma, bij het in gebruik nemen van de opgeknapte pastorie. Drie weken lang had iedereen de handen uit de mouwen gestoken, en waren kosten nog moeiten gespaart. “Ze waardeert wat we doen, daarom werken we zo graag mee”. De gemeente is de afgelopen jaren heel sterk gegroeid. “Er is grote verbazing in het dorp dat er zoveel verschillende mensen bij de gemeente horen.” 1 Kor. 12 in praktijk!
Fundamenten leggen...
De afgelopen maanden lag het accent van mijn werk, naast het college geven en begeleiden vooral op het voorwaarden scheppend bezig zijn. Het fotokopieerapparaat heeft het na 14 jaar trouwe dienst begeven (5000 USD). Verder is het computernetwerk is aan een update en uitbreiding toe, door een intensiever gebruik van de bibliotheek (3500 USD). Ook het inrichten van de coffee corner vereist een investering (Totaal 2500 USD). Dit is wat dit jaar nog nodig is.
Zoals jullie weten is de bijdrage van de universiteit aan het instituut zeer beperkt, en zijn we vooral op externe financiele bronnen aangewezen. We zijn bezig met het opzetten van programma’s die duurzaam zijn, zoals het Master of Theology programma in samenwerking met de Universiteit van Zuid-Afrika. Ook kortere cursussen en programma’s staan op stapel, gericht op de missionaire toerusting van de gemeente en de training van zendingswerkers. Vooral de training van de trainers is nodig! Er is een fonds opgericht, waaruit studenten studiebeurzen kunnen aan vragen (20000 USD nodig). Ook predikanten uit Midden- en Oosteuropa die voor een studieverlof van enkele weken willen komen kunnen uit dit fonds ondersteuning aanvragen. Wilt u dit fonds ondersteunen?
U begrijpt dat het niet eenvoudig is om lange termijn plannen te maken als je niet weet hoe de financien zich ontwikkelen. Mogen we u daarom vragen om een toezegging te doen met welk bedrag u het instituut het komende jaar wilt ondersteunen?
Uw kerstgift zien we met dankbaarheid tegemoet.
Plannen voor de komende maanden
Naast het afronden van colleges in dit semester en het voorbereiden van het komende semester ben ik intensief betrokken bij drie PhD studenten die de komende maanden hun dissertatie af te ronden: László Gonda, Dorottya Nagy en Randy Robertson.
· 23-25 november 2007: spreken op de conferentie voor predikanten en gemeenten in stadswijken
· 25-29 november 2007: bezoek Prof. Dr. Klippies Kritzinger (Zuid-Afrika) aan de KRE-CIMS (lezingen, onderhandelingen over samenwerking in Master of Theology programma.
· 10-12 december 2007: bezoek aan theol. Opleidingen in Polen en Tsjechie.
· 14 december 2007 – 4 januari 2008: verlof in Nederland.
· 19 – 30 januari 2008: Studiedagen en Bestuursvergadering van de International Association for Mission Studies in Los Angeles, USA.
· 9 febr. 2008: Gemeentencontacten dag (voor info cims@kre.hu)
· 4 maart 2008: Inaugurele rede aan de Károli Ref. Universiteit (info: cims@kre.hu)
Dank voor jullie aller meeleven. Van harte bid ik jullie allen een goede adventstijd toe. En: tot spoedig ziens!
In Christus verbonden,
Anne-Marie Kool
Saturday, July 7, 2007
Kool Nieuws van de Károli -- 3
Budapest, 7 juli 2007.
Aan de Herv. Gemeenten te
Houten en te Oud-Alblas
Geliefde vrienden en familie!
Verrassingen
Natuurlijk breng je tijdens je studieverlof vele uren door in een bibliotheek, vooral als dat er een is als de Speer bibliotheek van het Princeton Theological Seminary (www.ptsem.edu). Het is een goudmijn voor de studie projekten waar ik mee bezig was. Maar mijn tijd in Princeton verliep anders dan ik had gepland. Verrassingen kwamen in de vorm van onvergetelijke ontmoetingen met studenten zoals met de zendingscommissie van het seminary, en met collega’s, maar vooral ook dat “de Here mij een nieuw lied in de mond gaf”, na een woestijntijd waarin de lust tot zingen mij bijna geheel vergaan was. Het was een onvergetelijke ervaring om twee maanden lang in het koor van de plaatselijke presbyteriaanse Nassau kerk (weer) te (leren) zingen. Ook leerde ik vele nieuwe liederen in de bidstonden met broeders uit Ghana en een zuster uit Korea.
En wat was het geweldig om met Pasen het Halleluja koor van Handel te zingen!
Het nieuwe lied is het “lied” van de herontdekking van God’s onvoorwaardelijke liefde en genade in Christus, van verlossing van de macht van de zonde en echte vrijheid. “Het is volbracht”. Het is het lied van een nieuw vertrouwen, dat God in al onze noden kan en wil voorzien; de herontdekking dat zending uiteindelijk God’s zending is. Hij is de Rots waar we volkomen op kunnen bouwen. Het is het lied, dat Christus ons Zijn Geest gegeven heeft om ons te ondersteunen, te leiden, en te troosten en ons alles te leren wat we in Christus hebben ontvangen. Het zijn oude liederen, die ineens weer oplichtten en als nieuw werden. “God gaat Zijn ongekende gang!” Velen kwamen naar een spontaan afscheidsfeest. “Groot is Uw trouw, o Heer.”
Vrienden van CIMS
Al jarenlang heb ik veel kontakten in de buurt van Chicago en in Michigan. Het was goed te merken hoe trouw deze vriendenkring meeleeft met het wel en wee van het Zendingsinstituut, en dat er zich steeds weer nieuwe gemeenten bij aansluiten. Het geeft altijd weer een sterk gevoel van herkenning bij hen te zijn. Het is een groot voorrecht deel uit te maken van de veelkleurige, wereldwijde familie van Christus en je door die familie gedragen te weten.
Terug in Hongarije
En dan kom je na drie en een halve maand Amerika weer thuis. Het was een bijzonder warm weerzien, op de universiteit, en in de Gazdagret gemeente: “de bloemetjes werden buitengezet”. Enkele dagen na mijn aankomst was een internationale konferentie gepland in Papa voor missiologen uit Midden- en Oosteuropa. Om de een of andere reden kwam de logistieke voorbereiding (weer) op mijn bordje terecht, studieverlof of niet. Gelukkig konden we volledig rekenen op een tweedejaars student uit Papa, Krisztián. Wat was ik trots op hem! De 22 deelnemers kwamen uit Rusland, Ukraine, Polen, Tsjechie, Hongarije, Amerika en Australie. De discussies nav de lezingen waren bijzonder open, en kernvragen van zending en evangelisatie in Oosteuropa kwamen aan de orde.
Promotie
Het was een bijzondere gebeurtenis om op 12 juni voor de eerste keer op te treden als (tweede) promotor. Ds. Ete Álmos Sipos verdedigde zijn dissertatie over de hongaarse zendingtheoloog Gyula Forgács aan de Universiteit van Utrecht, vrucht van tien jaar noeste arbeid (ook voor de promotor!). Zijn conclusies zijn van belang voor het missionair gemeente zijn van de Hervormde Kerk in Hongarije in een post-Communistisch tijdperk en voor het onderwijs en het onderzoek van de missiologie in Midden- en Oosteuropa. Ds. Sipos was een maand eerder 70 geworden, heeft 11 kinderen en 28 kleinkinderen!
Afstuderen
Ook drie studenten van de postdoktorale opleiding missiologie studeerden af in Pápa. Ds. Gábor Draskóczy verdedigde zijn scriptie over evangelisatiewerk onder zigeunerkinderen, Ds. Gábor Pluhár schreef over hoe de kerkelijke strukturen zouden moeten veranderen om de jongeren van vandaag beter op te kunnen vangen, en Ds. László Szalkay richtte zich in zijn studie op wat het betekent missionaire gemeente te zijn. Het is ook voor hen geen geringe prestatie om in vier jaar tijd naast hun full-time werk in gemeente of zendingsorganisatie deze opleiding af te ronden.
Verder rondden negen studenten hun predikantenopleiding af. Tijdens hun kerkelijke examens luisterde de examencommissie met grote interesse toe hoe zij missiologische vragen als de verhouding zending, getuigenis en dialoog, alsmede van kontextualisatie uiteenzetten ook met het oog op hun werk als predikant in het westelijk deel van Hongarije. “Jammer dat wij nooit missiologie hebben gehad”, hoorde ik veelvuldig zeggen.
Afscheid van PRTA
Aan het begin van dit jaar was het heel duidelijk geworden dat mijn werk in Pápa als hoogleraar missiologie niet verenigbaar was met mijn nieuwe benoeming aan de Karoli Universiteit. Na 9 jaar besloot ik mijn funktie in Papa per 1 augustus a.s. neer te leggen, om me zo geheel te kunnen richten op de nieuwe uitdagingen van het Central and Eastern European Institute for Mission Studies (CIMS) aan de Károli. En die zijn niet gering. Graag deel ik enkele van deze uitdagingen met jullie. And so to prayer...
Dankt en bidt
1. Dankt voor het studieverlof en de tijd van persoonlijke vernieuwing in Princeton. Dankt voor de vele waardevolle ontmoetingen en nieuwe vriendschappen, m.n. met studenten en docenten van niet-Westerse komaf!
2. Dankt voor de open deuren om middels het CIMS een bijdrage te leveren aan de versterking van de christelijke identiteit van een universiteit met 4000 studenten. Bidt voor de plannen om lunch lezingen te starten, voor de vele mogelijkheden tot (in) formele ontmoeting met staf en studenten.
3. Dankt voor de mogelijkheden om studenten van in principe alle faculteiten colleges missiologie te geven, en daarmee een bijdrage te leveren aan hun toerusting tot getuige zijn van Jezus Christus in kerk en maatschappij.
4. Bidt voor wijsheid in het stellen van prioriteiten (erg nodig!), om het CIMS te laten zijn tot een zoutend zout in de KRE universiteit. De centrale locatie en de bibliotheek zijn uitstekend geschikt het te laten uitgroeien tot een ontmoetingsplaats, een learning community, ook voor hen die van elders voor een korter of langer studieverlof komen.
5. Bidt voor de colleges van het komende half jaar in het nieuwe PhD programma, alsmede aan de jongere jaars theologiestudenten. Ook voor de begeleiding van PhD studenten en voor de ontwikkeling van een nieuw Masters programma.
6. Bidt voor de benodigde financiele middelen om de bibliotheek weer te laten functioneren, voor scholarships en voor het ontwikkelen van nieuwe programma’s. Wonderen zijn nodig!
7. Dankt voor de hulp bij het opzetten van de organisatorische kant van het CIMS. Bidt voor vrijwilligers bij het opzetten van een vriendenkring van het CIMS, voor het ontwikkelen van een website en voor een echtpaar om als gastfamilie (gastheer- en vrouw) te dienen.
Dank voor jullie aller meeleven. Het was goed in juni in jullie midden te zijn en samen God’s lof te mogen zingen! Van harte bid ik jullie allen een goede vakantietijd toe, waarin ook “nieuwe liederen” mogen leren.
In Christus verbonden,
Anne-Marie Kool
Aan de Herv. Gemeenten te
Houten en te Oud-Alblas
Geliefde vrienden en familie!
Verrassingen
Natuurlijk breng je tijdens je studieverlof vele uren door in een bibliotheek, vooral als dat er een is als de Speer bibliotheek van het Princeton Theological Seminary (www.ptsem.edu). Het is een goudmijn voor de studie projekten waar ik mee bezig was. Maar mijn tijd in Princeton verliep anders dan ik had gepland. Verrassingen kwamen in de vorm van onvergetelijke ontmoetingen met studenten zoals met de zendingscommissie van het seminary, en met collega’s, maar vooral ook dat “de Here mij een nieuw lied in de mond gaf”, na een woestijntijd waarin de lust tot zingen mij bijna geheel vergaan was. Het was een onvergetelijke ervaring om twee maanden lang in het koor van de plaatselijke presbyteriaanse Nassau kerk (weer) te (leren) zingen. Ook leerde ik vele nieuwe liederen in de bidstonden met broeders uit Ghana en een zuster uit Korea.
En wat was het geweldig om met Pasen het Halleluja koor van Handel te zingen!
Het nieuwe lied is het “lied” van de herontdekking van God’s onvoorwaardelijke liefde en genade in Christus, van verlossing van de macht van de zonde en echte vrijheid. “Het is volbracht”. Het is het lied van een nieuw vertrouwen, dat God in al onze noden kan en wil voorzien; de herontdekking dat zending uiteindelijk God’s zending is. Hij is de Rots waar we volkomen op kunnen bouwen. Het is het lied, dat Christus ons Zijn Geest gegeven heeft om ons te ondersteunen, te leiden, en te troosten en ons alles te leren wat we in Christus hebben ontvangen. Het zijn oude liederen, die ineens weer oplichtten en als nieuw werden. “God gaat Zijn ongekende gang!” Velen kwamen naar een spontaan afscheidsfeest. “Groot is Uw trouw, o Heer.”
Vrienden van CIMS
Al jarenlang heb ik veel kontakten in de buurt van Chicago en in Michigan. Het was goed te merken hoe trouw deze vriendenkring meeleeft met het wel en wee van het Zendingsinstituut, en dat er zich steeds weer nieuwe gemeenten bij aansluiten. Het geeft altijd weer een sterk gevoel van herkenning bij hen te zijn. Het is een groot voorrecht deel uit te maken van de veelkleurige, wereldwijde familie van Christus en je door die familie gedragen te weten.
Terug in Hongarije
En dan kom je na drie en een halve maand Amerika weer thuis. Het was een bijzonder warm weerzien, op de universiteit, en in de Gazdagret gemeente: “de bloemetjes werden buitengezet”. Enkele dagen na mijn aankomst was een internationale konferentie gepland in Papa voor missiologen uit Midden- en Oosteuropa. Om de een of andere reden kwam de logistieke voorbereiding (weer) op mijn bordje terecht, studieverlof of niet. Gelukkig konden we volledig rekenen op een tweedejaars student uit Papa, Krisztián. Wat was ik trots op hem! De 22 deelnemers kwamen uit Rusland, Ukraine, Polen, Tsjechie, Hongarije, Amerika en Australie. De discussies nav de lezingen waren bijzonder open, en kernvragen van zending en evangelisatie in Oosteuropa kwamen aan de orde.
Promotie
Het was een bijzondere gebeurtenis om op 12 juni voor de eerste keer op te treden als (tweede) promotor. Ds. Ete Álmos Sipos verdedigde zijn dissertatie over de hongaarse zendingtheoloog Gyula Forgács aan de Universiteit van Utrecht, vrucht van tien jaar noeste arbeid (ook voor de promotor!). Zijn conclusies zijn van belang voor het missionair gemeente zijn van de Hervormde Kerk in Hongarije in een post-Communistisch tijdperk en voor het onderwijs en het onderzoek van de missiologie in Midden- en Oosteuropa. Ds. Sipos was een maand eerder 70 geworden, heeft 11 kinderen en 28 kleinkinderen!
Afstuderen
Ook drie studenten van de postdoktorale opleiding missiologie studeerden af in Pápa. Ds. Gábor Draskóczy verdedigde zijn scriptie over evangelisatiewerk onder zigeunerkinderen, Ds. Gábor Pluhár schreef over hoe de kerkelijke strukturen zouden moeten veranderen om de jongeren van vandaag beter op te kunnen vangen, en Ds. László Szalkay richtte zich in zijn studie op wat het betekent missionaire gemeente te zijn. Het is ook voor hen geen geringe prestatie om in vier jaar tijd naast hun full-time werk in gemeente of zendingsorganisatie deze opleiding af te ronden.
Verder rondden negen studenten hun predikantenopleiding af. Tijdens hun kerkelijke examens luisterde de examencommissie met grote interesse toe hoe zij missiologische vragen als de verhouding zending, getuigenis en dialoog, alsmede van kontextualisatie uiteenzetten ook met het oog op hun werk als predikant in het westelijk deel van Hongarije. “Jammer dat wij nooit missiologie hebben gehad”, hoorde ik veelvuldig zeggen.
Afscheid van PRTA
Aan het begin van dit jaar was het heel duidelijk geworden dat mijn werk in Pápa als hoogleraar missiologie niet verenigbaar was met mijn nieuwe benoeming aan de Karoli Universiteit. Na 9 jaar besloot ik mijn funktie in Papa per 1 augustus a.s. neer te leggen, om me zo geheel te kunnen richten op de nieuwe uitdagingen van het Central and Eastern European Institute for Mission Studies (CIMS) aan de Károli. En die zijn niet gering. Graag deel ik enkele van deze uitdagingen met jullie. And so to prayer...
Dankt en bidt
1. Dankt voor het studieverlof en de tijd van persoonlijke vernieuwing in Princeton. Dankt voor de vele waardevolle ontmoetingen en nieuwe vriendschappen, m.n. met studenten en docenten van niet-Westerse komaf!
2. Dankt voor de open deuren om middels het CIMS een bijdrage te leveren aan de versterking van de christelijke identiteit van een universiteit met 4000 studenten. Bidt voor de plannen om lunch lezingen te starten, voor de vele mogelijkheden tot (in) formele ontmoeting met staf en studenten.
3. Dankt voor de mogelijkheden om studenten van in principe alle faculteiten colleges missiologie te geven, en daarmee een bijdrage te leveren aan hun toerusting tot getuige zijn van Jezus Christus in kerk en maatschappij.
4. Bidt voor wijsheid in het stellen van prioriteiten (erg nodig!), om het CIMS te laten zijn tot een zoutend zout in de KRE universiteit. De centrale locatie en de bibliotheek zijn uitstekend geschikt het te laten uitgroeien tot een ontmoetingsplaats, een learning community, ook voor hen die van elders voor een korter of langer studieverlof komen.
5. Bidt voor de colleges van het komende half jaar in het nieuwe PhD programma, alsmede aan de jongere jaars theologiestudenten. Ook voor de begeleiding van PhD studenten en voor de ontwikkeling van een nieuw Masters programma.
6. Bidt voor de benodigde financiele middelen om de bibliotheek weer te laten functioneren, voor scholarships en voor het ontwikkelen van nieuwe programma’s. Wonderen zijn nodig!
7. Dankt voor de hulp bij het opzetten van de organisatorische kant van het CIMS. Bidt voor vrijwilligers bij het opzetten van een vriendenkring van het CIMS, voor het ontwikkelen van een website en voor een echtpaar om als gastfamilie (gastheer- en vrouw) te dienen.
Dank voor jullie aller meeleven. Het was goed in juni in jullie midden te zijn en samen God’s lof te mogen zingen! Van harte bid ik jullie allen een goede vakantietijd toe, waarin ook “nieuwe liederen” mogen leren.
In Christus verbonden,
Anne-Marie Kool
Subscribe to:
Comments (Atom)

